Praktische Informatie Filipijnen

Land:

De Filipijnen is een archipel in Zuidoost-Azië die uit 7641 eilanden bestaat. De Filipijnen liggen dicht bij de 'Ring of Fire' en is daardoor gevoelig voor tyfoons en aardbevingen. De Filipino's zijn over het algemeen aanhangers van het katholieke geloof. Ik vond het land redelijk schoon en de bewoners spraken over het algemeen super goed Engels. 

 

Visum:

Je hoeft van te voren geen visum te regelen. Dit doe je op de luchthaven bij aankomst. Dit visum is 30 dagen geldig. 

 

Geld: 

De Filipijnen zijn lang een Spaanse kolonie geweest en dat merk je ook aan de valuta. Ze betalen er met pesos. Wij hebben overal goed kunnen pinnen, alleen in El Nido zat er geen in de buurt van ons verblijf, maar de stad zelf zit er vol mee. Onze Visa- en Mastercard hebben we overal kunnen pinnen. Hou er wel rekening mee dat je vaak maar 10.000 pesos per dag kunt pinnen. 

 

Vaccinaties

Sinds kort is er een polio-uitbraak in de Filipijnen en is een vaccinatie verplicht als je langer dan vier maanden in het land bent. Je moet dan ook een vaccinatiebewijs op zak hebben. 

 

Aangeraden: 

Een noodpakket voor malaria (dit is altijd Malarone) wordt aangeraden, maar van wat ik heb gehoord is Dengue een groter probleem. Er is geen vaccinatie voor , maar ik zou aanraden je er wel in te verdiepen.  

 

DTP (Difterie, Tetanus, Polio). Als je deze als kind al eens gehad hebt, dan ben je met één prik gelijk tien jaar veilig. Anders worden er drie prikken aangeraden.

 

Hepatitus A (geelzucht), met de eerste prik ben je een jaar veilig, maar als je na (minimaal) een half jaar de tweede prik haalt, dan ben je in ieder geval dertig jaar klaar. Vermoedelijk zelfs levenslang, maar dit is nog niet onderzocht. 

 

 http://www.ggdreisvaccinaties.nl/

 

Reizen: 

Op zich is de route die wij hebben genomen makkelijk te 'bereizen'. Hou er wel rekening mee dat boten regelmatig niet kunnen uitvaren vanwege slecht weer. Een dag voordat wij aankwamen waren de ferries van Cebu naar Bohol (en andere plekken) bijvoorbeeld nog gecanceld. En de dag nadat we vanaf Manilla vlogen spuwde de Taal-vulkaan zoveel rook richting de stad dat er vluchten geannuleerd werden. Dat is het risico van reizen naar de Filipijnen, maar misschien is het prettig om een plan B te hebben, mocht je niet kunnen reizen. 

 

Wat ik wil adviseren is het regelen van ferry-tickets en dan meer dan 48 uur van te voren. Bij ons ging dit mis, waardoor we een halve dag bezig zijn geweest met in de rij staat in een bloedhete haven. Dit is gewoon zonde van je tijd. Via 12GO Asia kun je tickets boeken. 

 

 

 

0 Berichten

It is more fun in the Philippines

Dag 1: woensdag 26 december 2019

Na een tocht van bijna 24 uur zitten aan een Red Horse biertje in ons verblijf in Lapu-Lapu, Cebu. Het is een gek idee dat het kerst is, terwijl ik me hier kapot zweet. De filipino's houden wel van kerst, overal hangt versiering en ze maken er een hoop werk van. Helaas hebben we van de feestdag zelf niets mee gekregen, maar waarschijnlijk zal er toch een hele hoop gesloten zijn. 

 

25  december 2019

Gisteren zijn we rond een uur of 4 op pad gegaan. Met het openbaar vervoer gaan we richting Schiphol, wat gelukkig soepel gaat. Ik maakte me nog wel zorgen over de Tyfoon Ursula, die besloten heeft over de Filipijnen te trekken. Eerder waren er vluchten en ferry's gecanceld en ik hou continu het nieuws in de gaten. Een aantal eilanden zijn wel flink de pineut, Borocay zit bijvoorbeeld al dagen zonder stroom en zijn veel daken van de huizen geblazen en er schijnen delen onder water te staan... 

 

Na wat wraps en sandwiches gaan we inchecken. Voor we het weten zitten we bij 'Tastes from the Low Lands Café' aan de reuzenbiertjes. Een fijne tent en hier blijven we dan ook veel te lang hangen en uiteindelijk komen we op het laatste moment aan bij het boarden. Dit keer vliegen we met Korean Air, voor het eerst. Ze hebben de meest geweldige veiligheidsvideo met een K-pop boyband. Swingend leggen ze je uit wat je moet doen mocht er iets mis gaan, maar uiteindelijk gaat dit zo hysterisch dat je niets wijzer wordt.  We hebben van te voren aangegeven dat we graag vegan eten willen, maar ik weet niet of ik dat de volgende keer weer zou doen. Ik heb nog nooit zo vies gegeten in het vliegtuig. 

25 december 2019

Nadat ik de Lion King eindelijk heb gezien (fan-tas-tisch!) probeer ik een beetje te slapen en dat lukt ook zo af en toe. Tot er een kind begint te huilen, wat voor mijn gevoel uren doorgaat, en ik ga maar weer films kijken (Spiderman: Far from home, leuk leuk leuk, en Godzilla King of the Monsters).

 

Om 16.00 lokale tijd (8 uur later dan in Nederland) komen we aan op Seoul voor een transfer. Ook hier is het kerst en dat vind ik echt een gek idee. Er staan kerstbomen en zelfs de mega awesome wegwijsrobot, ja serieus, heeft een kerstmuts op! We struinen wat rond, halen wat drinken en lokaliseren onze gate. Gelukkig hoeven we hier niet zo lang te wachten. Op de terugweg is dit wel een ander verhaal. Dan zitten we bijna 10 uur vast in de hoofdstad van Zuid-Korea. 


Het laatste stuk naar Cebu City gaat soepel. Wel reizen we weer een uur terug in de tijd, waardoor we nu 7 uur  later leven dan in Nederland. De Filipijnen zijn dol op rijen. Het is niet normaal. Bij de paspoortcontrole staat een rij waar we drie kwartier in staan. Wat mensen zo lang bij de balie doen snap ik niet, want bij de ene duurt het vijf minuten, bij ons nog geen minuut. Erg bijzonder. Gelukkig komt onze bagage wel gelijk de band oprollen en kunnen we op zoek naar een ATM en taxi's. De man van de security heeft geen zin meer en laat ons zonder check naar de aankomsthal lopen. 

 

Van tevoren had ik al gelezen dat je bij de meeste pinautomaten niet meer dan 10.000 pesos kunt pinnen, wat neer komt op ongeveer €170. We pinnen gelijk met 2 verschillende kaarten, omdat we ook nog wat verblijven moeten betalen. En sinds we in het verleden nog wel eens zonder geld hebben gezeten (Myanmar en de Gili's in Indonesië) ben ik toch een beetje angstig. 

 

We lopen naar de taxi standplaats waar we een coupon of iets krijgen voor een van de wagens. Ze zijn overigens erg verbaasd als blijkt dat we geen internet hebben. Dat is tip #1 van deze vakantie: Zorg dat je internet hebt! Vooral in de taxi is dit nodig, want zelf verdomme ze het om hun gps aan te zetten. 


Ons verblijf, MB Garden Inn, is ongeveer een kwartiertje rijden vanaf het vliegveld. Ideaal voor als je laat aankomt. Het ligt verborgen in een lange steeg en een deel van het verblijf is gereserveerd voor motoren van volgens mij een bijhorende motorclub. Er staan hele gave motoren geparkeerd. 

 

Ik had het verblijf al laten weten dat we erg laat aan zouden komen, maar het valt uiteindelijk toch nog mee. We staan er rond 23.45 uur op de stoep. De simpele kamer ligt aan het restaurant, heeft een bedje, airco en een badkamertje. Prima voor twee nachten. 

 

De tassen gooien we neer en ondanks dat de bar eigenlijk al dicht is maken ze voor ons een uitzondering. We drinken twee Red Horse biertjes en gaan naar bed. Het was een lange, lange reis...

0 Berichten

Cebu Shitty City

Dag 2: donderdag 26 december 2019

We hebben goed geslapen, maar we waren ook behoorlijk uitgeput van de heenreis. Ik weet wel dat ik niet per se fan ben van airco, die dingen staan volgens mij altijd overal veel te koud. Ik had de wekker om 9 uur gezet, maar we zijn er dwars door heen geslapen. 

 

Het is tijd om Cebu te verkennen. Ons verblijf ligt wat afgelegen in Lapu Lapu op het eiland Mactan, voor de kust van het eiland Cebu en het duurt lang voor de taxi er is. We rijden de drukte in en de brug naar het 'echte' Cebu City in.

 

Bijna drie kwartier later worden we afgezet bij Plaza Indepedencia. Ik ben nog niet onder de indruk van wat ik onderweg van de stad heb gezien, maar ik moet altijd een beetje wennen aan een nieuwe  omgeving, dus ik wil niet gelijk een oordeel klaar hebben. 

 

Onze dag in Cebu City begint bij Fort San Pedro, het oudste bewaarde fort van de Filipijnen. De eerste versie stond al in 1565 en is sinds die tijd telkens versterkt. Het is toch een beetje gek om zo een Spaans fort te bezoeken in Azië. 

Voor een habbekrats (30 pesos = ongeveer 50 cent) gaan we naar binnen en lopen wat rond over het binnenplein en over de muren. Er zijn wel wat andere toeristen, maar de drukte valt me echt heel erg mee. 

 

Er zit ook een klein museum in het fort, dat vertelt over de geschiedenis van het gebied. Er liggen oude Spaanse voorwerpen en er hangen schilderijen van de oude bewoners. Vooral meneer Lapu Lapu is best een held. Hij was de grote baas van het eiland Mactan, waar de ontdekkingsreiziger Magalhães de bewoners graag wilden bekeren tot het Katholieke geloof. Hier was Lapu Lapu het niet zo mee eens en in de Slag van Mactan. Tijdens deze fittie legde Magalhães het lootje en hierdoor werd de Spaanse overheersing in dit gebied (het eiland Mactan, maar liefst 40 jaar uitgesteld. Lapu Lapu wordt de eerste Filipijnse held genoemd, alhoewel zo een beetje de hele bevolking nu Katholiek is. Er zijn standbeelden van hem te vinden en hij wordt vertegenwoordigt op één van de peso-muntjes.  


Onze volgende bezienswaardigheid is het Magalhães kruis een paar straten verderop. Dit zou een heilige plek zijn, omdat de eerste Filipino's hier zouden zijn gedoopt in 1521. Na een korte zoektocht vinden we het mini-kapelletje. Hier is het wel een stukje drukker en echt rustig rondkijken is er niet bij. We gaan toch even naar binnen om wat foto's te maken. 

 

Het schijnt dat het oorspronkelijke kruis verstopt zit in het kruis wat er nu staat. Dan zou het veilig zijn voor boefjes die het ding graag willen hebben vanwege het heilige gebeuren. Op het plafond van het kapelletje is een schildering te zien die de geschiedenis uitbeeld. 

 

Dan struinen we verder door de stad, op zoek naar een gezellig café of restaurant. Er is niets... Het is druk, vies en er is serieus niets leuks te vinden. We snappen er niets van. We zitten bij het havengebied, waar een aantal toeristische trekpleisters zitten en er zit gewoon geen enkele toko waarvan ik denk dat het me leuk lijkt om er even een biertje of whatever te drinken. 

 

Het enige dat ik kan waarderen vandaag (behalve het fort en het kapelletje) zijn de kerstversieringen. De Filipino's zijn verzot op kerst en we zien meerdere winkels die zelfs op tweede kerstdag, die hier niet bestaat, nog volledig gewijd zijn aan kerstlampjes. Het is echt een ding hier. Op het nieuws kondigen ze halverwege de zomer al aan hoeveel dagen het nog is tot kerst, vanaf september wordt de versiering opgehangen en alle boranguay (stammen) nodigen elkaar uit voor het eten, waardoor de bewoners iets van een week lang bij elkaar langs moeten om te eten. 

 

Na wat voor mijn gevoel uren duurt, besluiten we naar een telefoonshop te gaan om toch maar een simkaart te kopen. Het is even pielen, maar uiteindelijk hebben we internet op Gijs zijn ontzettend trage, krakkemikkige toestel. De mijne kan niet zomaar open, echt heel handig bedacht van de fabrikant. 

 

We vinden een straatje, iets noordelijker, waar wel wat gezelligheid te vinden zou moeten zijn. We laten het drukke stadsdeel achter ons en lopen in een minuut of twintig naar General Maxilom Avenue en duiken een Irish Pub in.

 

Ik weet niet waarom, maar overal lijken we wel in een Irish Pub te belanden en deze keer is het die van ene Marshall. Even bijkomen met een Red Horse biertje. Door het groene licht zien we er uit als Shrek en Fiona, maar we zitten wel lekker en besluiten ook een hapje te doen. Ik heb zo geen zin meer om verder te lopen in deze stad.

 

Wat me al eerder op viel is de grote, echt serieus grote, hoeveelheid oude witte mannen die de stad rijk is. Eigenlijk dacht ik er niet verder over na, maar nu we even stil zitten en ze kunnen observeren gaat het lampje branden. Het zijn van die oude dudes op zoek naar Filipijnse liefde. En er zijn blijkbaar best van dames en (veel te jonge) meisjes die zichzelf aanbieden. Ik ben in shock. Ik wist dat dit speelde, maar ik had echt niet verwacht dat het zo in het openbaar zou zijn. Nu ben ik helemaal klaar met dit dorp en ik wil terug naar het verblijf. 

 

Tip #2 van deze reis: Skip Cebu (Shitty) City. Er zijn zo veel prachtige eilanden om uit te kiezen. Ik zou willen dat ik gelijk zou zijn doorgereisd, of iets van de omgeving had gezien in plaats van deze stad. 

 

We pakken de taxi terug naar het hotel, die verkeerd rijdt, waardoor we gigantisch omrijden en het dubbele moeten afrekenen. Zie tip #1, zorg dat je internet en google maps op je telefoon hebt, zodat je de chauffeurs de weg kunt wijzen. Als we dan eenmaal weer terug zijn bij MB Garden Inn drinken we daar nog een biertje om Cebu City te kunnen verwerken en gaan daarna naar bed. 

 

Morgen verlaten we Cebu en gaan alweer door naar het volgende eiland: Bohol! Ik hoef denk ik niet te zeggen dat ik er naar uitkijk om hier weer weg te gaan!

 


0 Berichten

Behold Bohol

Dag 3: 27 december 2019

Voor de wekker ben ik al wakker, ik heb rot geslapen door de loeiende airco. Snel pakken we de zooi weer in. Zoals je misschien al begreep uit het vorige artikel zijn ik en Cebu geen vrienden geworden en ik ben blij dat we naar het volgende eiland gaan: Bohol! 

 

Gisteren heb ik online kaartjes gekocht voor de ferry van Cebu naar Tagbiliran, de havenstad van het eiland Bohol. Ik heb ze nooit binnen gekregen... Heel irritant! Als ik de website 12Go: Asia nog eens goed doorneem zie ik dat er voor tickets van de maatschappij Oceanjet de enige zijn waarbij ze binnen 48 uur worden bevestigd, in plaats van de gebruikelijke 24 uur. Gelukkig is 12Go: Asia een fijne organisatie en binnen een mum van tijd heb ik het geld voor de kaartjes die ik nooit heb ontvangen weer op mijn rekening staan. Ik ben er wel een tikkeltje cranky van. 


Opnieuw moeten we lang wachten voor er een taxi bij het verblijf kan komen en dan duurt het nog eens een uur in het drukke verkeer om bij de haven te komen. Als we hier gedumpt worden ben ik even gedesoriënteerd. Het is al warm en ik voel me niet lekker worden. 

 

Aangezien we dus nog geen tickets hebben gaan we op zoek naar de balie. Deze ligt buiten de poorten van gate 1 en als we hier aankomen hoop ik maar dat de enorm lange rij ook voor andere bestemmingen is. Niet dus! In rijen staan is de favoriete bezigheid van Filipijnen en volgens mij ook volkssport nummer 1. We ergeren ons anderhalf uur, ja serieus anderhalf uur, aan de trage vorderingen die we maken. Het is echt niet normaal. We missen hierdoor maar liefst 2 boten. Dit is niet zo goed voor mijn mentale toestand. 

 

Uiteindelijk hebben we de tickets in onze handen  en gaan we op weg naar de volgende rij... om binnen te komen in de haven. En de volgende rij... om door de security te mogen. 


Dan wacht er nog een verrassing op ons. We moeten ook nog inchecken. Het meisje bij de balie doet het lekker op haar gemakje, maakt nog even een kletspraatje met haar collega's terwijl er zo een twintig mensen op haar staan te wachten. Door dit geleuter missen we nog bijna de volgende boot ook. Als je het echt goed wilt doen, dan kun je nog een rij pakken, namelijk om je tassen in te checken. Hier hebben wij echt geen tijd meer voor. We slaan nog wat snacks in en gaan naar de boot. 

 

Tip #3: Boek je ferry tickets minimaal 48 uur van te voren. Dan kan je in ieder geval 1 rij overslaan!

 

Doordat we de tassen niet hebben ingecheckt ben ik nu gedoemd om met de rugtas tussen mijn benen te zitten, niet echt comfortabel, maar van de bootbaas mogen we de tas niet op één van de lege stoelen leggen. De boot is voor meer dan de helft leeg... maar ik moet onthouden It's more fun in the Philippines!

 

Mijn humeur slaat wel om als we eenmaal aan zijn gekomen in Bohol, het voelt hier gewoon anders, of althans, dat gevoel heb ik. We pakken een taxi voor 1000 pesos naar Loboc. We proberen nog om meer passagiers mee te lokken, maar iedereen lijkt naar de stranden van Anda te gaan. Ongeveer 3 kwartier later rijden we het plaatsje binnen.


 

Op een modderig pad worden we gedropt en gaan op zoek naar de receptie. We zien de gave huisjes al staan die we ook op Booking.com zagen, tussen de palmbomen en langs de turqoise rivier. Het is echt heel mooi! We vinden de receptie even verderop. Ze lijken haast verbaast dat we er zijn, maar als ik het boekingsnummer geef (voor het eerst!) is het toch in orde. 

 

Een vrouwtje breng ons naar het hutje voor de komende drie dagen. Het hutje is van hout/bamboe met een rieten dak. De badkamer is netjes en het bed is fijn. We hebben een balkonnetje met een rieten hangmat, waar Gijs natuurlijk gelijk induikt. Boven in de nok van het dak woont een Gecko, die 's nacht volgens de dame van de receptie nog wel eens wil krijsen. Prima, dan weet je dat je in Azië zit! 

 


Ik voelde me al vanaf die ochtend niet goed, dus ik besluit even te gaan liggen, iets wat ik niet heel vaak doe. Een uurtje later voel ik me dan ook een stuk beter en we gaan naar het restaurant dat ook aan het water ligt. Ik neem een pasta en Gijs een curry, ze hebben hier ook vegan opties! We drinken wat biertjes en gaan terug naar ons hutje waar we nog wat lezen voor we zitten te knikkebollen. Inderdaad  hoor ik de gecko roepen voordat ik in slaap val, ik ben zo blij dat ik in Bohol ben...


0 Berichten

Pireplies

Dag 4: Zaterdag 28 december 2019

Om 5 uur ben ik klaar wakker, volgens mij omdat onze kamergenoot de gecko op de klamboe is gelazerd, maar ik kon hem niet meer vinden. Ik heb heerlijk geslapen! 

 

Ook Gijs wordt niet veel later wakker en we schuiven om 7.30 uur aan bij het ontbijt, het restaurant is pas rond die tijd open. Het wordt toast met een ei, thee en een banaantje. Vandaag moeten we even naar het stadje zelf om een ATM te zoeken. Hier hoeven we niet ver voor te lopen. We komen er aan de noordkant van de rivier al eentje tegen, maar we lopen toch nog even verder. Bij een straatje aan de zuidkant komen we een tweede tegen, maar die doet toch een beetje gek en we annuleren onze transactie.

 

Het is al vroeg bloedheet, maar ik wil toch wat van de stad zien.Er blijkt niet heel veel te doen en dan gaan we toch maar weer terug naar Riverside Native House. Er zijn wel wat restaurantjes bij andere resorts, maar je loopt er niet zomaar tegenaan. Ik zou aanraden om eerst te googlen en dan met een missie ergens heen te lopen in plaats van rond te struinen. 


Als we weer terug zijn bij Riverside Native House besluiten we een kajak te huren. Het is ons totaal ontgaan wat we hier uiteindelijk voor hebben betaalt. Riverside telt alle kosten bij elkaar op, het eten en drinken, de tourtjes en het huren van scooters, bootjes en dat soort ongein. Bij het uitchecken betaal je dan de hele bups in één keer. 

 

Afijn even later zitten we, dik ingesmeerd met zonnebrand, in de kajak. De zon schijnt vandaag bijzonder fel en in plaats van druk met de zware houten peddel in de weer te gaan laten we ons meevoeren met de stroming en genieten we van het uitzicht. Wat is deze omgeving mooi! De rivier verandert continu van kleur, de ene keer lijkt het diepgroen, de volgende keer turquoise en dan al die bomen en planten op de oever... het is gewoon paradijselijk. Gijs is helemaal in zijn element, dit is zijn favoriete natuur, veel groen, water en bergen. 


Nadat we rond hebben gedobberd, vogeltjes hebben bekeken en ons hebben verbaasd over de photoshoots die op een hangbrug plaatsvinden, vind ik het tijd om terug te peddelen. Het is wat gaan waaien en nu moeten we tegen de stroom in. Het is een flinke klus om terug te komen, maar gelukkig wordt de stroming even verderop minder erg. We krijgen de geniale tip van een SUP-er: "You should go the other way, it's easier". Ja doos, maar je moet toch een keer de andere kant op om terug te komen. Ik denk dat ze zich een beetje schaamde want ik hen nog nooit een SUP-er zo snel zien peddelen. 

 

Als we weer bij Riverside aankomen heb ik last van mijn nek en schouder, niet alleen van het peddelen, maar ik ben verbrand ondanks het vele smeren. Maar het was het zeker waard. We drinken wat biertjes en googlen restaurants in de buurt, we moeten toch meer proberen dan alleen ons eigen verblijf. Ondertussen maken we vrienden met de Riverside katten; Plus en Kareltje II. Kareltje II heet eigenlijk Boris, maar dat doet me niks. 

 


We besluiten weer naar 'southside' te lopen om een ander restaurant te proberen. Het ligt bijna tegenover ons verblijf, maar omdat er om de één of andere reden bijna geen bruggen over de rivier zijn moeten we toch een eindje lopen. Onderweg wordt ons een tour aangeboden: "You want to watch pireplies tonight?". Ik  moet even denken wat hij bedoelt, maar dan valt het kwartje, hij wil ons een firefly-tour aansmeren. Toevallig hebben we die net geboekt bij ons eigen verblijf, maar ik moet wel heul erg grinniken om de pireplies. 

 

Gijs heeft Food & Fables  uitgezocht, een restaurant dat bij resort Fox & Firefly hoort. Het oogt wel wat fancy, maar al snel zitten we helemaal in onze comfortzone met een piña colada in ons hand. 

 

Ik verwacht dat we fantastisch eten voorgeschoteld krijgen, maar dat valt me vies tegen. Ik heb voor een chinees gerecht (Chopsuey) gekozen met kool, maar dat eigenlijk smaakloze kool met rijst is, geen kruiden niets. Erg saai... We hadden beter bij Riverside kunnen eten. 

 

We lopen terug naar het verblijf en drinken nog een biertje. Rond 19.15 uur komt de boot aanvaren bij Riverside en over de wankele steiger lopen wij, en nog twee stelletjes, naar de boot. Met een kapitein, een gids en iets van een hulpje varen we over de rivier. In het donker is het gelijk een heel ander gevoel. In mijn verbeelding varen we tussen de gevaarlijke beesten, terwijl het 's middags nog een veilig watertje was. Boven ons zien we zo ontzettend veel sterren, volgens mij heb ik er nog nooit zo veel gezien. Ik herken de sterrenbeelden niet eens meer.

 

Onderweg zien we her en der een verloren vuurvliegje, ik hoop maar dat het uiteindelijk een wat groter spektakel is. En ik wordt niet teleurgesteld. Als we bij de 'moederboom' uitkomen zit deze vrij vol met de gloeiende dieren die druk zijn met knipperen en signalen afgeven aan elkaar. In stilte bekijken we het magische tafereel, het is echt een gek gezicht. Ik kan weer wat van mijn bucketlist afstrepen. In het donker dump ik wat van de as van mijn moeder in het water onder de boom (pas terug in het licht zie ik dat dit de halve voorraad as is die ik in mijn ketting had zitten). 

 

De gids vertelt ons over de beestjes, terwijl de kapitein van de longboat het water in gaat om er eentje voor ons te vangen. De vuurvliegjes kiezen alleen bepaalde mangrovebomen uit om in te 'wonen' gedurende de 30 dagen die ze leven. De kapitein kruipt terug de boot op, met het beestje in zijn handen. Het is een raar gezicht, het is een vrij grote vlieg met een gloeiende kont. Hij legt het beestje in mijn handen en ik ben zo geobsedeerd dat ik het bijna vergeet door te geven. Natuurlijk zijn we erg voorzichtig, zodat we hem niet beschadigen. De kapitein heeft zijn vleugels nat gemaakt zodat hij niet weg vliegt, maar als deze zijn opgedroogd kan het diertje zich weer bij zijn pulserende familie voegen. 

 

Na het avontuur op het water, die overigens 500 pesos per persoon kostte, zitten we nog even na te genieten in het restaurant en baal dat het me niet is gelukt om een foto of filmpje te maken. Ik ben serieus onder de indruk van de kleine pireplies en nu weet ik zeker dat ik fan ben van Loboc... 


0 Berichten

Tricycle Tour

Dag 5: Zondag 29 december 2019

Het is tijd om meer van ons nieuwe favoriete Filipijnse eiland te zien. We regelen een tricycle (die ik stug tuktuk blijf noemen) en laten ons het eiland overcrossen. Het is krap, maar niet oncomfortabel. 

 

Onze eerste stop is de Tarsier Sanctuary. Onze gastvrouw heeft ons verteld dat er blijkbaar meerdere zijn en de ene is beter dan de ander. Ze zal zorgen dat wij naar de goede gaan. Maar wtf is nu eigenlijk een tarsier? 

 

Een Tarsier is een bijzonder primaatje dat voorkomt op een aantal eilanden in Indonesië, Maleisië en de Filipijnen. Het is een nachtdier en heeft enorme oogballen in vergelijking met zijn hoofd. De oogballen zijn net zo groot of soms zelfs groter dan zijn brein. De ogen kunnen niet bewegen, maar daarentegen kan hij zijn hoofd 180 graden draaien, exorcist-stijl. De Tarsier heeft een lange staart zodat hij zijn zware hoofd weer in balans kan brengen. Als je een Tarsier in gevangenschap houdt, dan zal hij proberen zelfmoord te plegen. Onder goede omstandigheden kunnen ze een jaartje of 25 worden. Bron: Wikipedia en de Tarsier Sanctuary


 

Na een kort ritje in de tricycle worden we door de chauffeur afgezet bij de ´goede´ sanctuary. Deze is bij het stadje Corella! Bij de kassa rekenen we 2 x 60 pesos af en krijgen vervolgens een briefing met wat informatie over de dieren. Ik zal eerlijk bekennen dat ik nerveus ben, straks vermoord ik zo een beest! Ik durf ook geen foto´s met mijn mooie nieuwe camera te nemen uit angst dat zo een diertje de boom uit pleurt en ik de dood van de bijzondere tarsier op mijn geweten heb...

 

Ondanks dat anderen dit wel doen en hun halve telescoop inzoomen op de wezentjes, hou ik het bij mijn crappy telefoon (maar ik ben wel een beetje jaloers op hun 'lef').  Bij voorbaat dus mijn excuses voor de slechte foto's, maar dit in het belang van de geestelijke gezondheid van mij EN van de tarsiers.

 

We betreden het gedeelte van de sanctuary dat is opgesteld voor publiek. Hier zien we een stuk of vijf beestjes, maar in de hele sanctuary zitten er een iets van honderd.  Er staan een aantal medewerkers die goed in de gaten houden wat er allemaal wat uitgespookt. Regelmatig klinkt er dan ook een 'sssst' als er toch gesproken wordt door de gasten, die toch duidelijk is gezegd dat ze hun waffel moesten houden zodat de tarsiers konden rusten, aangezien het nachtdieren zijn. 

 

Ik verwonder me over de grootte van de beestjes. Ze zijn zo veel kleiner dan ik me had voorgesteld. Echt niet groter dan je vuist. Verstopt tussen de bladeren en zich vastklampend aan een tak met hun lange fragiele vingertjes, zorgen ze dat ik heel hard 'awwww' en 'agossie' roep, maar wel alleen in mijn hoofd, zodat ik ze niet laat schrikken. Gijs en ik kijken elkaar regelmatig aan en proberen telepathisch aan elkaar te vertellen hoe awesome we ze vinden.

 

We blijven niet heel lang hangen, het is toch een beetje ongemakkelijk als je weet dat je de rust van de tarsiers kan verstoren. Natuurlijk werpen we een blik in de souvenirwinkel, maar ik mag van Gijs niet eens een fantastische tarsier pet kopen, zo flauw!


We komen hyper en high on tarsier weer bij onze tricycle aan. Onze volgende stop zijn de bekende chocolate hills, iets wat niet per se op mijn to do list staat, maar ach als we er dan toch zijn... Het is best een eindje rijden en Bohol is echt een super mooi, groen eiland. Bij een drukke parkeerplaats worden we gedropt door de tricycle man, hij gaat hier even chillen terwijl wij het laatste stuk omhoog lopen. Maar natuurlijk moeten we eerst langs een 'kassa'. Per persoon betalen we 100 pesos bij een chaotisch hutje en ik krijg een velletje zegels in mijn handen gedrukt. Ik begrijp niet gelijk wat het is en vraag dit aan de verkoper. Dit irriteert hem schijnbaar zo dat hij de zegels weer uit mijn handen pakt en aan Gijs geeft. Die stelt geen vragen en een beetje verbaast lopen we verder. 


Het begint behoorlijk warm te worden als wij de berg op moeten. Langs ons rijden busjes die wel omhoog kunnen rijden. Gelukkig is het een kwartiertje lopen en hebben we ook vanaf hier uitzicht op de maffe heuveltjes. 

 

Volgens geologen is het een verschijnsel dat voortkomt uit de verwering van kalksteen en erosie. Nee, ik heb geen idee wat daarmee wordt bedoelt. Maar de lokale mythen vertellen dat het de tranen zijn van een reus, die intens verdriet had om de dood van zijn geliefde vrouw. Beter toch? 

 

Als we eenmaal boven zijn is het een grote chaos. Busjes rijden rond, overal staan mensen, verkeersregelaars proberen wat orde te scheppen, maar het is niet te doen. We beklimmen de laatste trappen omhoog en komen bij het plateau met het mooiste uitzicht. Ik moet toegeven dat ik het toch niet had willen missen. Het is echt een maf gezicht. 

 

We moeten een beetje vechten voor een plekje langs het hekwerk om ook wat foto's zonder mensen hun kruin te maken, maar op zich valt het gedram mee en zijn de mensen geduldig. Dat is een nieuwe ervaring! Meestal geven we het op en knip ik de mensen maar van mijn foto's af... 

 


Even tussendoor, check het verschil in kleur tussen de eerste foto (van mij) die genomen is met mijn oude toestel en de kleuren van mijn nieuwe awesome wannabe-bakbeest!!

Zoals wel vaker probeert onze chauffeur ons onderweg nog allerlei andere plekjes te laten zien. 'Butterfly garden? Wildlife park? Ziplining?'. Meestal is het antwoord nee, maar deze keer hoor ik mezelf keihard 'yes' zeggen op de laatste optie. Ik weet niets van deze zipline, ik heb niet kunnen googlen hoeveel mensen er naar beneden zijn gestort, helemaal niets. Maar op de één of andere manier ben ik niet eens nerveus, en als je me in het 'echt' kent dan weet je dat ik normaal gesproken drie weken van tevoren al hysterisch zou zijn. 

 

We slaan af naar het Loboc Ecotourism Adventure Park. Het park is op tripadvisor te vinden, maar ik heb niet echt een eigen website kunnen vinden. We kopen de kaartjes voor 490 pesos per persoon halen we een kaartje, krijgen een nummertje en lopen de heuvel op naar de 'wachtkamer' waar een stuk of twintig mensen voor ons zitten te wachten. Het wachten gaat best snel. Ik ben een sukkel en vergeet mijn camera mee te nemen en kijk jaloers naar de mensen die een gopro in hun hand hebben. Die gaat toch maar op mijn verlanglijstje. 

 

Na een kwartiertje zijn wij aan de beurt. Onder het gezang van kerstliedjes,  terwijl kerst toch echt voorbij is, krijgen we een helm op en een harnas aan. 'Drop' roept een medewerker tegen me. Ik snap hem niet en kijk verdwaasd. 'Are you scared?' vraagt hij aan me. Ondertussen beginnen die zenuwen eindelijk te gieren en ik kan volmondig ja zeggen. Met 'drop' wordt blijkbaar bedoelt dat ik door mijn knieën moet en me voorover moet laten vallen. 

 

Gijs wordt naast me aan zijn eigen lijntje vast geklikt. Ineens ziet de zipline er fucking lang uit. Op mijn buik bungelend wacht ik tot we weg zoeven en ineens zie ik Gijs al gaan. Een paar seconden later schiet ook ik vooruit. De helm zakt steeds over mijn ogen. 'Waarom doe ik dit?' denk ik bij mezelf als een soort mantra, tussendoor afgewisseld door'Dit is best gaaf, oh wat mooi!'. We zippen hoog boven de bomen in een dal en ineens zie ik de blauw/groene Loboc rivier. Dat is wel echt gaaf! 

 

Als we bij de overkant aankomen worden we hard afgeremd. Bij mij gaat het goed, maar bij Gijs ging het wel heel erg hard en zijn hals doet wat zeer. Best dom, maar ik kom er nu pas achter dat we ook nog eens terug moeten zippen. We hadden ook met het kabelbaantje kunnen gaan, maar ik weet niet of ik me daar beter bij had gevoeld. Met niet al te veel nervositeit gaan we weer in de korte rij staan. Deze keer zien we ook de river cruise bootjes over de Loboc River glijden, heel gaaf! Het kutst is de helm, die is zo groot dat ik moet voor mijn ogen weg moet houden...


Dan worden we door de tricycle man weer bij River Native House gedropt. We besluiten nog een keer hier te eten. Nu nemen we ook loempia's. Die zijn goddelijk, ik zweer het! Het zijn de lekkerste die ik ooit heb gegeten en ik baal dat ik er nu pas achter kom. Anders had ik als ontbijt, brunch, lunch, tussendoor, diner, late night snack loempia's gegeten. We kletsen wat met de eigenaresse, die samen met haar duitse vriend de boel hier allemaal regelt. Dan is het tijd om onze spullen weer in te gaan pakken, want morgen gaan we hier weer weg. Gelukkig heb ik net de ferry tickets voor de toch van Bohol naar Negros ontvangen via 12Go Asia. 

 

Ik ben benieuwd naar Negros en de stad Dumaguete, maar ik vind het ook heel jammer om al weg te gaan van Bohol. Als ik alle tijd van de wereld had gehad, dan had ik ook het strand wel willen zien. Alona beach bijvoorbeeld op het eiland Panglao en dan gelijk even kijken bij de Hinagdanan Cave. Of Anda beach,  Al heb ik ook gehoord dat die laatste is overspoeld door vakantie vierende Koreanen. 

 

Op Bohol was ik in ieder geval nog niet uitgekeken en het was een verademing na Ceby Shitty City! Dus hierbij tip #4: Neem de tijd op Bohol. Er is zat te doen! 

 

 


0 Berichten

Duma-get-me

Dag 6: Maandag 30 december 2019

Met pijn in mijn hart neem ik afscheid van Native River House, Loboc en Bohol. We stappen in een taxi (die om Filipino tijd aankomt, dus een half uur te laat) en worden naar Tagbiliran gereden. Daar staan we weer bij de haven, om de ferry naar het volgende eiland te pakken: Negros.

 

Deze keer heb ik wel tickets en vol trots sluit ik aan in de rij om de haven binnen te komen. Hoezo had ik gedacht dat het zo makkelijk zou gaan? We worden weer terug gestuurd, we moeten eerste inchecken. Daar staat natuurlijk ook weer een rij. Ik begin er bijna aan te wennen. Het duurt gelukkig niet zo lang en we hebben expres ruim de tijd genomen. Even denk ik dat we nog een rij moeten pakken voor om één of andere harbour fair of iets te betalen, maar dat blijkt al in onze ticketprijs inbegrepen te zijn. 

 

We staan opnieuw in de rij om door de controle en naar binnen te mogen. Opnieuw worden we geweigerd. We hebben onze bagage nog niet ingecheckt. Het is is bijna grappig, maar nee, ik raak hierdoor best gefrustreerd. Het is ook zo onduidelijk wat er van je wordt verwacht... Maar goed we komen weer in rij (ik denk dat dit het meest voorkomende woord zal zijn in de artikelen over de Filipijnen) en geven onze grote rugtassen af. Nu hoef ik in ieder geval niet opgevouwen in de ferry te zitten. 

 

Poging drie lukt, we mogen door de controle en de wachtruimte in. Daar kun je weer wat drinken of snacks kopen. We halen wat bananenchips en vreten bijna de hele zak in één keer leeg, het is echt zo lekker! Dit gaat op de lijst om in Nederland ook in te slaan! Ineens zie ik mensen naar de muur wijzen, achter het 'winkeltje'. Er loopt een gigantische, en dan ook echt GIGANTISCHE, bruine spin over de muur. Dit is oprecht de meest reusachtige die ik ooit gezien heb. Zo ranzig dat ik er niet eens een foto van heb gemaakt. Het vrouwtje achter de balie haalt haar schouders op en glimlacht wat ongemakkelijk, maar laat zich niet wegjagen door het MONSTER. Maar even serieus, ik was echt onder de indruk van het gevaarte, hij was zeker zo groot als mijn hand, als het niet nog groter was. 


 

Even later mogen we de ferry op. Het is precies dezelfde soort als die van Cebu naar Bohol.  Vanmorgen was het prachtig weer, maar tijdens het wachten in de haven is dit omgeslagen. Storm is een groot woord, maar er zijn behoorlijk hoge golven. Ik ben altijd een beetje bang dat ik zeeziek, terwijl ik dat nog nooit ben geweest, het slaat echt nergens op. Ook dit keer heb ik nergens last van, maar ik heb het idee dat de mensen naast ons toch een beetje groenig worden. 

 

Ik kijk naar de film die op de tv speelt, Aladin, en val af en toe in slaap. Na twee uur hotsen en klotsen komen we aan in de haven van Dumaguete en nog steeds beweegt de boot als een malle. We lopen naar de uitgang, maar nu voel ik me toch beroerd worden. Gelukkig mogen we van de boot af. We  moeten wel geholpen worden aangezien de kade soms ineens een meter hoger ligt door de golven. Ik ben blij dat ik op het land sta en ik maak geen grap, het klaart direct weer op. We hebben serieus geluk met het weer deze vakantie. 

 

Een paar meter  verderop liggen onze rugtassen op ons te wachten. Gijs wil geen taxi pakken, maar op zoek naar een tricycle. Deze staan net even buiten de poorten van de haven te wachten op passagiers. En nu maken we voor het eerst echt een foutje... 


 

We geven de man het adres van Gabby's Bed & Breakfast, wat niet heel erg ver van de haven ligt, maar ik heb geen zin om met de tas te gaan lopen. Ik heb al het idee dat hij omrijdt, ik heb de kaart op zich in me opgenomen. Na een kwartier rijden zie ik straatnamen die ik herken, nu moeten we in de beurt zijn en inderdaad staan we ineens voor het verblijf. Meneer vraagt om 300 pesos! Dat is net zo veel als een rit van anderhalf uur in Cebu City in de spits! Het slaat echt nergens op. Hij geeft als reden dat de tassen ook plek in beslag nemen... 

 

Voor de eerste keer (en de laatste) zijn we vergeten om vooraf een prijs af te spreken als er niet op de meter wordt gereden. Tip #5 dus: Spreek altijd van te voren al een prijs af! De chauffeurs van de tricycles rekenen al tig keer zo veel voor toeristen als voor lokale bewoners en dat vind ik echt geen enkel probleem, maar laat je niet nog meer 'oplichten' dan nodig is. 

 

Gabby's Bed & Breakfast ziet er wel gelijk al leuk uit, al kreeg ik een ander beeld als ik naar de foto's op Booking.com keek. Het restaurantje ligt direct aan de weg en als we zijn ingecheckt bij de receptie gaan we met een trap naar boven, waar het hostel zelf ligt. 


 

Boven is een grote gemeenschappelijke ruimte met stoelen, tafels en meerdere banken en het ziet er super chill uit. Het is wel rustig, maar misschien ligt dat aan het moment van de dag. We lopen een lange gang door en vinden daar ons kamertje. Het is klein en we hebben twee aparte bedden,  dat was ik even vergeten. Je hebt bijna geen ruimte om te lopen of om je tassen kwijt te kunnen. 

 

Dat vind ik allemaal niet echt een probleem (wel een beetje jammer), maar wat ik echt zwaar kut vind is de badkamer. De schuifdeur gaat gewoon niet dicht en het toilet zit recht voor de deur. Totaal geen privacy...en weer lekker awkward. We blijven niet lang hangen en lopen terug naar de haven, wat ongeveer een kwartiertje duurt, dus hoe de tricycle zo lang over de rit heeft gedaan is me nog een raadsel. 


Bij het restaurantje Casablanca gaan we zitten langs de boulevard. Het eten is goed, althans ik heb de goede keuze gemaakt met mijn Oostenrijkse spätzle. De Filipijnse keuken heb ik een beetje opgegeven... Gijs heeft één of andere saaie curry.  Ik zit hier wel lekker en we drinken nog wat biertjes na het eten.

 

Het enige vervelende is dat er hier wel aardig wat bedelaars zijn die regelmatig aandacht komen vragen. Inmiddels ben ik een stuk beter geworden in het afwijzen van deze mensen. Ik blijf het moeilijk vinden, want het is vaak natuurlijk gewoon sneu. Maar mijn nieuwe trucje is ze aankijken en botweg nee zeggen. Met pijn in mijn hart, maar dan lopen ze wel door. Ik probeer nog ergens wel wat verontschuldigend te kijken, maar door de bedelaars geld te geven help je ze niet.

 

Vooral de kinderen moet je echt nooit iets geven, hoe tegenstrijdig dat ook voelt. Ze zien er zelf vaak niets van terug en worden door hun ouders ingezet om geld in te zamelen, in plaats van hen naar school te laten gaan. Ik hou maar in mijn gedachte dat ik ze eerder help door niets te geven. 


Als we besluiten terug te lopen naar het verblijf slaan we de verkeerde weg in. Ineens zijn er geen zijwegen meer en kunnen we nergens afslaan om weer op de goede route te komen. We keren weer om en lopen dezelfde weg weer terug. Ik moet ook enorm nodig plassen, dus we belanden weer in de buurt van de haven bij El Amigo. Het is een vage tent, met vieze toiletten, maar ik ben blij dat ik mijn blaas kan legen. Dan doen we nog maar een biertje voor we poging twee ondernemen. 

 

De tweede poging gaat een stuk beter en we komen veilig en wel weer bij Gabby's Bed & Breakfast aan. Gijs wil de smaak van de saaie curry wegwerken en bestelt een portie churros in de vorm van wafels met chocolade saus. Het is hier tot een uur of 11 open en er blijven ook gezinnetjes komen voor bordje wafels. We drinken nog wat bij de veranda op de bovenverdieping en duiken daarna onze eenpersoonsbedjes in. 


0 Berichten

Viva Valencia

Dag 6: Dinsdag 31 december 2020

Nadat Gijs vannacht bijna dood is gevroren van de airco en ik badend in het zweet wakker lag zitten we nu niet zo vredig aan het ontbijt bij Gabby’s Bed & Breakfast. We discussiëren knorrig over ons plan van aanpak voor die dag, maar laten het bij “we lopen wel gewoon naar de jeepney terminal”. Zo gebromd zo gedaan... We lopen richting de locatie die Google aangeeft, zodat we daar een kleurrijk busje naar het stadje Valencia kunnen pakken, dat even buiten Dumaguete ligt. 

 

We vinden een terminal met een hoop prachtige voertuigen en een bankje vol rimpelige oude mannetjes. We vragen of hier de jeepney naar Valencia vertrekt, maar ze schudden druk met hun hoofd. Ze proberen uit te leggen waar we dan moeten zijn, maar dit kan ik niet helemaal ontcijferen dus volgen we de richting van hun handgebaren. 

 


  Ons humeur wordt er niet beter op als we lang in de zon lopen zonder enig uitzicht op een andere terminal. Dan ben ik het zat en laat een tricycle stoppen. Ik vraag of hij ons naar de bushalte wil brengen, maar hij biedt aan om ons gelijk naar Valencia te rijden. Alhoewel ik eigenlijk heel graag in een jeepney had willen gaan, ben ik onze vertraging nu wel zat. Ik spreek af dat de vrolijke chauffeur ons voor 200 pesos meeneemt en iets opgewekter zit ik naast hem in de zijspan. 

 

Het windje doet ons goed en langzaam trekken we weer wat bij. We genieten van het uitzicht onderweg en Gijs vergelijkt dit terecht met Santo Antao, diepe groene dalen afgewisseld met heuvels. De drie eilanden die we tot nu hebben gezien lijken wel echt een andere persoonlijkheid te hebben. De chauffeur weet ons om te praten en ons voor nog eens 100 pesos naar Forest Camp te brengen. Geen idee wat  het is, maar ik neem aan dat een bewoner toch het beste weet wat tof is om te zien. 

 

Niet veel later, ik gok zo een twintig minuten, staan we op een parkeerplaats. Blijkbaar is Forest Camp een resort, waar je voor 120 pesos per persoon mag komen chillen. We lopen wat rond en het is echt wel heel tof! Er zijn ontzettend veel zwembaden, grote en kleinere, en je hebt er makkelijk eentje voor jezelf! Het is prachtig met de baden langs een riviertje tussen de begroeiing. We kiezen een pittoresk exemplaar uit en poedelen daar wat in rond. Dan drinken we natuurlijk nog even een biertje voor we terug gaan naar chauffeur Randy. 


 

Voor we de tricycle weer in gaan spreken we af dat hij ons voor 1000 pesos in totaal de hele dag zal gaan rondrijden door Valencia en omstreken. Ik heb gewoon geen zin meer om nu nog een andere chauffeur te gaan zoeken. Wij blij en Randy blij. Onze eerste stop is de Smoking Mountain. Dit zal wel als een verrassing komen, maar het is dus een rokende berg! 

 

Langs de weg ziet Gijs ineens kleine pluimpjes rook en damp uit de berg komen. Randy stopt de tricycle en we waggelen wat heen en weer langs de grote gele hekken. De geur van rotte eieren dringt mijn neus binnen, maar ik vind het niet zo smerig als ik had verwacht. Ik verwonder me er eerder over. We turen naar de kleuren van de berg en de belletjes die in de plasjes met heet water omhoog komen borrelen. Ik hou van dit soort gekke natuurverschijnselen. 

 

 


 

 

 

Next stop: Red Rock Hot Springs! Opnieuw is het tijd om het water in te gaan. Onderweg rijden we al langs rode rotsen waar de naam van de attractie vandaan komt. Midden tussen deze rotsen lijkt onze tricycle opeens te overlijden. Hij sputtert, valt uit en maakt geluiden die ik nog niet eerder uit het wagentje heb horen komen. Ik kijk Gijs bezorgd aan, maar Randy krijgt het ding toch weer aan de praat (nadat Gijs de wagen een berg op heeft geduwd) en zet ons af voor de ingang van de Hot Springs. 

 

Voor 60 pesos per persoon stappen we het kuuroord in, dat ooit is opgericht door een familie om te ontspannen, maar nu ook voor toeristen open is. Het is helemaal niet druk, wat ik eigenlijk wel had verwacht. We kleden ons om en gaan het water in. Het is serieus heerlijk! We doberen (ja alweer) wat in het warme water en proberen te ontspannen. Dit lukt op zich aardig, maar ik ga me helaas nog al snel vervelen. Als ik ga douchen merk ik dat ik onder de rode vlekken zit… de mineralen in het water geven behoorlijk af! Gijs zijn zwembroek is ook verkleurd (na een keer of 80 met de hand wassen is het er nog niet helemaal uit). 

 

Tip #6: Let op welke badkleding en handdoek je meeneemt naar Red Rock Hot Springs.

Als ik me zo goed mogelijk onder de handdouche heb weten af te spoelen komt Gijs naar me toe. Hij heeft Randy gesproken en de tricycle is dus toch overleden terwijl wij hier lagen te chillen. Dat voelt wel rot, niet alleen voor ons maar ook voor Randy die vanavond met Oud & Nieuw zou gaan werken. Snel kleed ik me aan en gaan we samen terug naar het stuk schroot en onze chauffeur. 

 

Tip #7: Neem geen tricycle naar Red Rock Hot Springs, dan kunnen die dingen helemaal niet aan! Zorg dat je een sterker exemplaar huurt in Valencia, of een auto pakt!

 

Randy geeft aan dat hij geregeld heeft dat een vriend ons op komt halen. “Is okay to go on motorcycle?” vraagt hij bezorgd. Nou, ik heb wel vaker achterop een motor gezeten dus dat is op zich geen probleem, maar ik hoop dat er ook een helmpje meegebracht wordt, denk ik op dat moment nog. Uhm… dat was een beetje naïef. Ongeveer een half uur later komt er een motor aangereden, waar ik er drie had verwacht (ja… serieus). Ik kijk nog eens goed zie dat het achterstuk van de motor is verlengd met een soort zitje van metalen buizen. 

 

Het blijkt dus dat we met vier!!! personen op deze motor gaan. Ik snap nog steeds niet waarom, maar ik ben gewoon achterop gestapt. Ik ga achter de chauffeur zitten, Gijs achter mij en tot mijn verbazing gaat Randy bijna op schoot bij de chauffeur zitten. Hij schuift in een soort amazone-zit op de tank (of iets daar voor) tussen de armen van de bestuurder. Echt bizar… 

 

Eenmaal op weg houdt ik de eerste tien minuten mijn ogen stijf dicht, ik ben zo bang! Ik voel het achterste wiel met enige regelmaat wegglijden door de los zittende stenen die op het stoffige pad liggen. Waarom doe ik dit? Denk ik voor de tweede keer deze vakantie. Gijs maakt er ook een potje van en houdt zich naar mijn begrippen niet stevig genoeg vast en ik voel hem bij elke keer dat we remmen half naar achteren storten, of althans in mijn beleving. Het is pure horror, maar uiteindelijk doe ik toch mijn ogen maar weer open. Dan rijden we wel op een verharde weg en dat voelt toch wat beter. Behalve dan dat ik met vier mensen op een crappy motor, zonder helm en in mijn shorts en shirt zit. 

 


Ergens wil ik vragen of we kunnen stoppen, dan pak ik verder wel een tricycle, maar aan de andere kant doen mensen dit hier de hele dag en elke dag. Hele gezinnen en boodschappen voor een maand worden op deze dingen van hot naar her gereden, waarom zou het nu juist mis gaan. Toch verschijnen die krantenkoppen ook in mijn hoofd: ‘Twee domme Nederlandse toeristen overleden door ongeval met motor’. Tussendoor vraagt Randy nog even hoe het gaat. ‘It’s fucking scary!’ krijs ik in het oor van onze bestuurder. 

 

Afijn, aangezien je dit leest blijkt wel dat we heelhuids zijn aangekomen bij Gabby’s Bed & Breakfast. Okay niet helemaal ongeschonden, want ik mijn opluchting hops ik nogal enthousiast van de motor af en brand ik me aan de uitlaat. Lekker typisch weer… We bedanken Randy en de bestuurder en nemen afscheid. 

 

Even opfrissen en vieren dat we nog leven, het is oudjaarsavond! We zoeken ons rot naar een restaurant dat open is en ook nog eens iets zonder vlees of vis serveert. Na meer dan een uur lopen we naar binnen bij Neve’s Pizza waar ze nog hysterisch druk bezig zijn om volgens mij heel Dumaguete te voorzien van pizza’s. Het duurt dan ook verdomd lang voor we onze pizza’s hebben en nog langer voor we onze limonade hebben, echt belachelijk. Zo snel als we kunnen rennen we hier ver vandaan en strijken neer bij Hayahay aan de boulevard. 

 

Het is hier al een gezellige boel, maar ook hier zijn ze weer, die dikke, oude, witte mannen die we overal weer tegen het lijf lopen. Ik kan mijn ogen er op de één of andere manier niet vanaf houden. Zij en hun veel te jonge Filipijnse vrouwtjes en ladyboys intrigeren me. Ik probeer niet te veel te staren als ik samen met Gijs de ene na de andere Red Horse biertjes weg werk. 

 

We blijken een top locatie uitgezocht te hebben om het nieuwe jaar in te luiden, rond elf uur gaan de personeelsleden van Hayahay druk aan de slag om de hele boulevard vol vuurwerk te zetten. Volgens mijn telefoon en die van half Dumaguete is het al vijf minuten eerder 2020 dan hier bij Hayahay en dat zorgt ervoor dat we zelfs twee keer juichen, springen en iedereen een gelukkig nieuwjaar wensen. We staan onder de exploderende vuurpijlen en zien ook aan de overkant van het water allemaal vuurwerk de lucht in gaan. Het is echt supertof om te zien! Ik stuur al mijn lievelingsmensen berichtjes en gaan nog even los, voor we rond twee uur afdruipen terug naar het verblijf. Wat een dag! 

 

 

 

Manigong Bagong Taon!

 

0 Berichten

Sheebang

Dag 9: Dumaguete naar Puerta Princesa, Palawan 2 januari 2020

Om 6.30 gaat ons wekkertje weer. We vertrekken uit Dumaguete en gaan naar Puerto Princessa op Palawan. Hier blijven we maar één nacht, we hebben met pijn in ons hart besloten om meer tijd in El Nido door te brengen. Soms moet je offers maken… 

 

Bepakt en bezakt staan we langs de weg en proberen een tricycle naar het vliegveld te krijgen. Op de één of andere manier wil dit weer eens niet lukken, ik weet niet wat we verkeerd doen, maar ze willen ons niet meenemen. 

 

Ik raak een beetje opgefokt, bang dat we onze vlucht zullen gaan missen, al zijn we ruim op tijd. Stampend ga ik weer terug naar Gabby’s Bed & Breakfast en vraag om hulp. Een jongetje uit de keuken komt ons assisteren. Serieus nog geen minuut later stappen we in een wagentje en nog voor een schappelijke prijs ook. Echt geen idee wat er mis ging.

 

Ik verwacht een hele lange rit naar een afgelegen vliegveld. Dat heb ik mis. Voor mijn gevoel echt midden in de stad slaan we een steeg in en rijden we het parkeerterrein van de luchthaven op. Het vliegveld wordt op dit moment verbouwd en het nogal onduidelijk wat er van je wordt verwacht. Door een security dude worden we tussen de mensen (en hun dozen met hanen) begeleid daar wat blijkbaar de juiste wachtrij is. Jaaaa ook hier hebben ze natuurlijk weer mega veel rijen. We checken in en hebben natuurlijk weer zeeën van tijd. We gaan nog wat rondstruinen buiten de incheckhal, maar daar blijkt eigenlijk maar weinig te beleven. Dan verdoen we onze tijd maar weer met eten in de gate.



We hebben een bizarre vlucht moeten boeken, voor ook niet echt een leuke prijs. We vliegen eerst helemaal naar Manila, moeten daar 3 uur wachten om vervolgens weer naar het zuiden te vliegen. Manila is horror. Niets staat normaal aangegeven, borden wijzen soms naar muren en we begrijpen er echt niets van. Ineens staan we in de aankomsthal, tussen de taxichauffeurs. Dat kan niet de bedoeling zijn. Door een vriendelijke dame van het vliegveld worden we de juiste kant op gewezen. Nog kost het ons moeite om bij de juiste gate te komen. Roltrappen slaan soms gewoon een verdieping over en meer van dat soort ongein. Natuurlijk komen we wel op de plek waar we uit moeten komen. Daar scoren we sandwiches en wachten nog zo een half uurtje tot we onze volgende vlucht weer mogen pakken.

Ik moet wel lachen om de stewardessen van de vliegmaatschappij Cebu Pacific. Tijdens de vlucht wordt er een quiz gehouden waarmee je prijzen kan winnen. Bijvoorbeeld een slaapmasker of sleutelhanger van de maatschappij. Helaas weet ik geen enkel antwoord op de vragen over de Filipijnen, ik heb me echt niet goed ingelezen. 

 

De vlucht en het ophalen van de bagage gaat soepel. Ik heb het idee dat mensen hier al chiller zijn, ik weet niet waarom ik krijg een goede vibe van dit eiland. Misschien komt het door onze relaxte taxichauffeur, of door  Bob Marley uit de speakers.

Het duurt niet lang voor we bij ons verblijf aankomen: Sheebang Hostel. Het ziet er supergezellig uit, met een bar, restaurant, veel zitplaatsen en tafeltennisende mensen. We checken in bij een vrolijke dame. Eigenlijk heb ik al gelijk weer spijt dat we morgen weg gaan. Toch regelen we de transfer naar El Nido gelijk bij haar, dan zijn we daar vanaf. Dan mogen we onze tassen in de kamer zetten. “I’m sorry we have to walk very far, dears’ zegt de blije dame. Lekker boeiend! Net 3 stappen later draait ze zich naar de deur van onze kamer en begint keihard te lachen. “Your room is here, in the middle of all the fun” zegt ze gniffelent. 

 

De kamer is prima, basic, maar de bedden zijn goed. De badkamer stelt niets voor en er is later op de avond nog een incident met een niet doorspoelend toilet waar ik het niet over wil hebben. De locatie van de kamer ‘in the middle of all the fun’ is wat minder fijn. We slapen slecht door de tyfus herrie om ons heen, van het super gezellige hostel. Ik raad dan ook aan dat als je in dit hostel wilt verblijven, dat je een kamer iets verder van all the fun vraagt. 

 

Maar voordat we ons bed in duiken hangen we rond in het verblijf, eten wat en drinken iets te veel piña colada’s. We maken het niet laat, we moeten ALWEER om 5.30 uur opstaan.


0 Berichten

Transfer & Tricycle Troubles

Dag 10: Vrijdag 3 januari 2020

We zijn weer vroeg uit de veren en wachten bij de receptie van Sheebang Hostel op onze transfer. Deze houdt, zoals we al hadden verwacht, de Filipijnse tijden aan en komt zo een 40 minuten te laat. We hebben geen haast gelukkig. Dan moeten we nog de halve stad door om overal wat mensen vandaan op te pikken. Oostenrijkers, Denen en Engelsen worden in het busje geladen. Het duurt zooooo lang voor we echt onderweg zijn.

 

De omgeving is weer prachtig en zo anders dan de andere eilanden waar we zijn geweest. Ik lees wat en kijk om me heen.Gijs ligt natuurlijk al snel te slapen. Eén van de Oostenrijkers kletst iedereen de oren van zijn hoofd, waar volgens mij niemand echt op zit te wachten. Ergens halverwege stoppen we bij een restaurant voor de lunch, natuurlijk staan hier ook weer verkopertjes die je proberen iets aan te smeren. In dit geval zijn het parels en zijn de verkopers kleine kinderen. Ik kan er niet aan wennen, maar ik heb wel een truukje om ze af te wimpelen. Ik kijk ze recht aan, niet ontwijkend want dan blijven ze het proberen, lach een beetje en schud duidelijk nee. Ik zweer dat het werkt!


Na een half uurtje gaan we weer terug het busje in. De chauffeur slingert wat en één van de dames naast hem geeft hem een por. Ze laat ons weten dat hij toch echt in slaap aan het dommelen is. Het is doodeng en ik zie de krantenkoppen al weer voor me: Nederlandse toeristen omgekomen bij eenzijdig auto-ongeluk. De mensen om hem heen doen er alles aan om de chauffeur wakker te houden. En aangezien we nog leven is dat gelukt. 

 

Rond 14.00 komen we aan in El Nido. Ik weet niet waarom maar ik voel me hier gelijk goed. We regelen een tricycle, die echt een paar honderd meter hoeft te rijden voor we bij ons verblijf aankomen. Als hij de oprit wil inrijden worden we aangereden. Een andere tricycle rijdt met een beste snelheid op ons in. Gelukkig worden Gijs zijn benen beschermd door het blauwe metaal van het bakkie, maar het is maar net goed gegaan. Dat had nog lelijk kunnen aflopen.


 

De chauffeurs zitten elkaar een moment dom aan te gapen en beginnen dan te mopperen in het Filipijns. Ik ben een beetje verbaasd dat ze ons niet vragen of alles in orde is. Ineens stopt de discussie tussen de mannetjes en mogen we de 100 pesos afrekenen. Boven op het balkon van ons verblijf hebben we door onze botsing wat publiek gekregen. Gijs heeft wat slechte recensies gelezen over deze toko en ik ben een beetje nerveus dat we in een horror hostel verblijven. 

 

Ik ben blij verrast. Novie’s Tourist Inn is een prachtig verblijf, met lieve personeelsleden. De hal wordt verbouwd, maar de rest ziet er super netjes uit. We hebben een kamer helemaal achterin de mooie tuin en heeft, terecht, de naam seaview. We hebben een ontzettend mooi uitzicht en ondanks dat ik nog maar weinig van El Nido heb gezien ben ik er al een beetje verliefd op. Ik heb eindelijk het eiland-gevoel waar ik op hoopte toen we de reis boekte.


We gooien onze spullen in de kamer, trekken zwemkleding aan en vertrekken richting strand. Tegenover het hotel ligt Pop’s District, waar je touragency’s, supermarktjes, restaurantjes en andere winkeltjes vind. Als je hier doorheen loopt kom je uit bij het strand. Het is zo mooi! Echt bizar. De groene rotsen die uit het water torenen, in de verte de eilandjes en dan de typische bootjes met hun drijvers aan de zijkant. Dit is het beeld wat ik had van de Filipijnen!

 

Het water staat laag en in plaats van te gaan zwemmen lopen we wat over het strand tot we een tentje tegen komen waar we op het terras aan het strand gaan zitten. Bij Bella Vita drinken we wat en eten we wat. Daarna gaan we Pop’s District weer in waar we nog wat drinken bij Booze & Belly. We bekijken de gespannen Jenga wedstrijd die een tafeltje naast ons wordt voltrokken. Jenga is hier volgens mij volkssport nummer 2, in de rij staan blijft de absolute nummer 1 natuurlijk. Bij het hotel boeken we een tourtje voor de volgende ochtend en chillen nog wat op het balkon voor we ons lekkere bedje induiken.


0 Berichten

Toura A

Vandaag gaan we op tour. En dan wel Tour A, van de welbekende ABCD-tours die je kunt doen in El Nido. Elke heeft zijn eigen toffe stops, ik zou ze het liefst allemaal doen, maar helaas hebben we maar beperkt de tijd. Om 8.30 Filipino tijd (dus 9.00) worden we opgepikt bij het hotel en in een tricycle gegooit. We gaan naar El Nido Noord, dat even verderop ligt en waar je veel meer restaurants, barretjes, winkeltjes etcetera hebt. 

 

Bij het punt waar we gedropt worden kun je waterschoenen huren. Wij hebben ze in Nederland al gekocht en ik ben hier zoooo blij mee. Je hebt deze echt wel nodig, zonder waterschoenen zou ik zonder voeten terug naar Nederland zijn gekomen. Hier kun je ook dry bags huren, maar ook die hebben we zelf meegenomen. Wat zijn die dingen ideaal! Ik had alleen gewild dat we ook nog een kleinere versie hadden voor de spulletjes die je snel even wilt pakken.


Niet veel later staan we op het strand met de andere touristen die dezelfde tour gaan volgen, een stel Amerikanen, Brazilianen en een zooitje Russen. We hebben nog snel een grote fles water gehaald, maar die moeten we weer inleveren. Veel van de plekken die we gaan bezoeken zijn beschermd en je mag er geen plastic mee naartoe nemen. Het voelt als nog een uur wachten voor we naar de boot lopen door de zee. 

 

Onze eerste stop is Seven Commando Beach, een prachtig wit strand omheind door grijze rotsen die er gevaarlijk scherp uitzien en versierd met palmbomen. Het is zo ontzettend mooi! Maar natuurlijk zijn we hier niet de enige. Het strand is druk, maar zeker niet overbevolkt. Er worden overal om ons heen pfotoshoots gehouden voor Instagram. Een schommel aan een palmboom is de topattractie. We halen wat drinken en strijken neer op het strand. We snorkelen wat en ik vergeet natuurlijk de camera mee te nemen.Gijs denkt hier gelukkig wel aan en weet wat visjes vast te leggen. Wel onthou ik om wat van de as van mijn moeder achter te laten op deze mooie plek.


Waarom 7 Commando Beach deze naam heeft gekregen is nogal mysterieus. Er zijn meerdere verhalen te vinden op het internet, maar ik heb geen officiële verklaring kunnen vinden, dus ik heb wat informatie op verschillende blogs en sites als Tripadvisor bekeken. Er zijn twee verhalen die eigenlijk overal opduiken. 

 

De ene vertelt dat de naam ontstaan is in de tweede wereldoorlog, toen er 7 commando’s op dit hier gestrand waren. En dat ze plannen aan het maken waren om El Nido over te nemen. Er staat een groot bord op het strand die deze versie van het verhaal laat zien. 

 

Het andere verhaal is dat er een bootje aanspoelde waar 7 commando’s in gekerfd stond. Dit is het verhaal dat de lokale bevolking zelf geloofd en dat lijkt me dan de meest realistische versie. Ook van deze versie is een relikwie te vinden op het strand.


De volgende stop is de Secret Lagoon, die in tegenstelling tot de naam echt absoluut geen secret is. We snorkelen het stuk naar het strand om vervolgens in de ontzettend lange rij aan te sluiten om de ‘geheime lagune’ te zien. Er staan wat mannetjes bij de ingang die zorgen dat het niet te druk wordt. Een aantal touristen per keer worden naar binnen gelaten. Je klimt over een rotspartij heen door een tunnel in de stenen. Dan kom je in de lagune. Ik vind er eerlijk gezegd niet zo veel aan. Het water is troebel en ik snap de heisa niet… we sluiten dan al snel terug aan in de rij om naar buiten te gaan en besluiten rond de boot nog wat te snorkelen.

 

Ondertussen vaart er een mannetje langs waar je drinken bij kunt kopen, heel grappig en Gijs besluit twee veel te dure biertjes te kopen. Ondertussen laat één van de Amerikaanse kinderen zijn telefoon (gelukkig in mini drybag) in het water vallen en duikt de crew een aantal keren het water in om hem te zoeken en de helden vinden het ding ook nog!


Dan is het tijd voor de lunch en worden we op een strandje tussen wat rotsen gedropt. Het is prachtig en iedereen zoekt een plekje terwijl het eten door de crew door het water naar het strand wordt gebracht. Er is zo veel lekkers op de tafel te vinden en het ziet er ook prachtig uit. Mooi gesneden fruit, salades (voor ons vega’s), vis, vlees en natuurlijk rijst.

 

Als we allemaal aan het smikkelen zijn zie ik iets in mijn ooghoek bewegen. Het is een gigantische varaan! Ik geef Gijs een por, want die roept elke vakantie dat hij er eentje in het echt wil zien. Hij sprint er dan ook gelijk heen om foto’s te maken, terwijl ik de rest van ons bootgenootschap vertel dat er iets te beleven valt. ‘Big animal!’... waarom kan je ineens geen Engels meer als het er op aan komt…Ik gok dat het een Palawan Monitor Lizard is.


Vervolgens gaan we verder en mogen we ergens snorkelen. Ik maak een hoop foto’s met de onderwatercamera en kan de lol er wel van inzien. Ik neem me voor om thuis uit te zoeken wat we nu allemaal voor zeeleven hebben gezien. Veel koraal is helaas dood en dit komt door verschillende oorzaken, de boten die hun ankers in het koraal gooien, toeristen die het kapot trappen, de zonnebrandcreme die veelvuldig gesmeerd wordt voordat men het water in gaat, maar ook door een dier.

 

Een soort zeester nog wel, de Crown of Thornes. Een awesome naam voor een klote beest. Er gaan geruchten dat duikers uit andere landen ze hier los hebben gelaten omdat het te veel met hun werkgebied zou concurreren. Dat ben je wel een echte eikel.

 

Later ben ik getipt dat dit verhaal onzin zou zijn. De monster zeester is gewoon één van de oorspronkelijke bewoners van de koraalriffen van de Filipijnen. Echter door overbevissing zijn de vijanden van de zeester verdwenen en kreeg het vrij spel om het koraal te verorberen.

Onze laatste spot voor de dag is de Big Lagoon, een beetje gek want we hadden aangegeven dat we naar de Small Lagoon hadden willen gaan, maar goed. De lucht betrekt een beetje, maar het is nog steeds lekker weer. We huren een gele kayak voor maar liefst 350 pesos, best een boel, maar ja je wil het natuurlijk doen zoals het hoort. De Brazilianen zijn rebels, die gaan zwemmen, maar het is best een eindje en met de kayak kan je nog een beetje van je omgeving genieten. 

 

We peddelen als een tierelier en zijn al snel een stuk verwijdert van de andere, heel veel andere, toeristen. De Big Lagoon is gaaf, hoge begroeide rotswanden om het heldere blauwe water. Dit is wel zoals ik me de Filipijnen had voorgesteld. Ik zie enorm veel zee-egels op de bodem, best freaky want die dingen zijn rete-giftig. Ineens horen we bladeren bewegen boven ons hoofd. We moeten even speuren, maar dan zien we een paar apen! Ik denk dat het de Filipijnse Langstaart Makaak is, maar ik heb er natuurlijk niet echt verstand van.

 

We blijven veel te lang naar de dieren staren en ineens zien we dat er niemand meer peddelt aan de andere kant van de lagune. We peddelen als een malle en zijn inderdaad de laatste die terug komen bij de boot. Ik vind dat altijd zo hinderlijk om mensen op mij te laten wachten… 

We varen terug naar El Nido en pakken voor 100 pesos een tricycle terug naar ons verblijf. We zijn zo enthousiast geworden van deze tour dat er morgen weer een willen doen. Helaas zijn alle tours bij het hotel al volgeboekt. We frissen ons even op en proberen het nog eens bij het toeristenstraatje aan de overkant. Bij Thumbs Up Tours hebben we gelijk Bingo. Een vriendelijke vent praat ons Tour C aan omdat Tour B al vol zou zitten. Dan komen we erachter dat we eigenlijk een bonnetje zouden moeten hebben van de Environmental Fee. Die hoef je in principe maar 1 keer te kopen voor 400 pesos en kun je tien dagen gebruiken. 

 

Ik weet zeker dat ik het bonnetje nooit in mijn handen heb gehad, maar keer toch mijn tas ondersteboven. Natuurlijk vind ik het niet. De man laat ons beloven dat we het navragen en anders betalen we morgen alsnog de fee. Prima, we gaan even terug naar de overkant en vragen bij de receptie van ons verblijf wat ze met onze tickets hebben gedaan. Er wordt gebeld en overlegd, maar het is niet duidelijk waar ze gebleven zijn. Ze zullen er morgenochtend op terug komen. Nou prima dan gaan wij even een hapje eten. 

 

Gisteren had ik het restaurant Lion’s Bar al gezien en nu is er nog live muziek ook. Onder het genot van een Bob Marley imitator eten we onze veggieburger en deze is serieus super goed! Het was een goede dag!


* Mijn programma om foto's te bewerken is er even mee gekapt, dus persoonlijk vind ik mijn foto's een beetje tegenvallen deze ronde, maar als die ongein weer werkt zal ik het updaten. 

Tour B

Dag 12: Zondag 5 januari 2020

Het is bewolkt als we wakker worden. Als we ons aan het klaar maken zijn om wat te gaan eten komt er een dame van Thumb’s Up Tours aanlopen. Tour C is gecancelled door het slechte weer, het zou te hard waaien en er is geen kustwacht om ons te redden als we in de problemen komen. Vind ik toch best een goede reden om de tour niet te doen. Tour B gaat wel door en als we willen kunnen we mee. Apart want gisteren was deze nog vol. Maar goed we vinden het prima. 

 

Bij de receptie vragen we naar de Environmental Fee die we nooit gehad hebben. Weer wordt er druk gebeld en gesmst. Als we zitten te eten komt er iemand van het verblijf naar ons toe. Het is eindelijk duidelijk wat er met onze kaartjes is gebeurt. Per abuis zijn die op naam van de vorige bewoners van onze kamers komen te staan. Het maakt niet uit zegt het mannetje van de receptie, je kan ze gewoon gebruiken. Nou ik vind het best, het scheelt ons in ieder geval weer wat geld. Ik app Roger van de Tour Agency dat het is geregeld.

Kijk die clownfish heeeelemaaaaal rechtsonderin!
Kijk die clownfish heeeelemaaaaal rechtsonderin!

We wachten bij de receptie tot we worden opgepikt, deze keer is ons vertrekpunt bij strand Zuid en kunnen we er gewoon heen lopen. Weer staan we lang te wachten tot we vertrekken. Ondertussen maken we kennis met onze tourgenoten. Twee chickies uit Barcelona, een Canadees en jawel, de eerste Nederlander die we tegenkomen. Ze zijn niet onaardig, maar er hangt een beetje een awkward vibe. 

 

Onze eerste stop is een snorkelplek, wat weer fantastisch mooi is. Het is wel echt slechter weer dan gisteren, het is een stuk guurder. We zouden eigenlijk ook naar een grot gaan, maar daar kunnen we door de hoge golven niet bij in de buurt komen. Onze tweede stop is een zandbank, die als een slang door de zee loopt, vandaar de naam Snake Island.. Heel gaaf, echt een plaatje. Als je de andere toeristen weg kan denken. Het klaart hier wat op en in de zon slenteren we door het zand. We beklimmen de rotsen in het water, waar ik wat van de as van mijn moeder uitstrooi. Daarna halen we een biertje en drinken die op terwijl we genieten van het fantastische uitzicht. In mijn hoofd hoor ik het deuntje van Jurassic Park. Of is Gijs het nou gewoon de hele dag aan het neuriën?


In de boot krijgen we de fantastische lunch voorgeschoteld. Ook de honden die hier rondlopen zijn het daar mee eens. Ze zwemmen naar de boot toe, wat er super schattig uit ziet, en klimmen het trappetje naar onze boot op. Natuurlijk ben ik te laat met foto’s maken en worden ze al snel door de crew verjaagd. Doodleuk zwemmen ze naar de volgende boot om het daar te proberen. 

 

 De volgende stop is de kathedraal grot, die me eerlijk gezegd een beetje teleur stelt. Het is een inham in een rots, waar we niet bij in de buurt kunnen komen door het slechte weer. En het weer is nu ook echt een stuk slechter geworden. Het miezert en het is best koud.

 

We skippen snel door naar onze volgende stop, een één of andere zandbank met niets te doen. De zon is inmiddels weer te voorschijn gekomen. De dames die hier topless lagen te zonnen vluchten snel als ze ons zien aankomen. We worden hier gedropt en mogen een uur lang chillen, in de brandende zon. We lopen wat rond, dobberen kort even in het water en kijken hoe de mensen van een ander bootje hun lunch hier geserveerd krijgen.

 

Ik ben niet echt content en ben keihard aan het verbranden, hoe hard ik ook smeer met mijn factortje 50. Ik vlucht dan ook snel terug naar de schaduw van de boot en strijk neer tussen de slapende bemanning.

 


 

We dachten dat de de zandbult onze laatste stop van de dag zou zijn, maar er staat ons nog een snorkelspot te wachten. De mooiste spot tot nu toe. We blijven hier dan ook eigenlijk veel te lang hangen. Ik kan er geen genoeg van krijgen. De Canadees maakt er helemaal een potje van. Die komt gewoon niet met zijn hoofd uit het water en laat ons lang wachten. Uiteindelijk gaat iemand van de bemanning maar het water in om hem te halen. Gijs en ik zitten inmiddels op hete kolen. Wij hebben een date met onze groep van Buhay Isla. We gaan de komende 3 dagen op expeditie en krijgen vanavond een briefing. 

 

Als we weer bij El Nido aan komen zeggen we vlug vaarwel tegen de anderen en rennen terug naar het verblijf om ons even op te frissen. Ik zit nog onder het zout en zand als we voor het hutje staan, dat op honderd meter van ons verblijf af ligt. Ik ben een beetje nerveus over wat ons te wachten staat. Je zit de komende drie dagen opgescheept met de mensen die je vanavond zal gaan ‘ontmoeten’, straks zijn ze vreselijk…


We zijn er net op tijd. Snel trekken we ons schoeisel uit en gaan de trap op naar boven. Het kleine hutje zit al propvol. Als snel blijken het vooral Nederlanders te zijn. Ik had het al op internet gelezen dat deze expedities voor 80% uit landgenoten bestaat. Ik vraag me af waarom juist wij dit zo leuk vinden?

 

Een dame van Buhay Isla neemt het woord en stelt onze gids voor de komende dagen voor. Darryl is een jong jochie, maar lijkt er veel zin in te hebben. We vullen de nodige formulieren in en betalen de tweede helft van de prijs voor deze trip. De eerste helft hebben we bij de boeking al voldaan. 

 

Er volgt een kort voorstelrondje, waarbij ik natuurlijk niemands naam kan onthouden. We zijn in totaal met 18 personen, 2 Amerikanen, 2 Italianen, 2 Britten en maar liefst 12 Nederlanders. Dat is toch bizar? We krijgen door welke dingen we echt niet moeten vergeten, wat het plan is voor je bagage en waar we elkaar de volgende dag zullen ontmoeten. Ik zal nog een uitgebreider artikel in elkaar flansen met tips en tricks voor een expeditie met Buhay Isla!

 

We sluiten de avond af met veel te veel eten bij de Lions Bar, maken onze bagage klaar voor de volgende dag en duiken ons bedje in.


0 Berichten

Buhay Isla Expeditie

 

 Dag 13: 6 januari 2020 - El Nido, Palawan 

Eindelijk is het tijd voor onze Buhay Isla Expeditie! Hier heb ik al vanaf het boeken zo naar uit gekeken! We hebben onze spullen verdeeld in dagtassen, avondtassen en spullen voor in het ruim van de boot. We zijn er al vroeg klaar voor, maar we moeten dan ook nog het nodige kopen in het centrum van El Nido. 

 

We checken uit en pakken een tricycle naar het andere deel van de stad. Het begint te regenen. Als dolle stieren halen we de laatste items die we nog nodig denken te hebben voor de trip, plus het belangrijkste, wat biertjes. Rond 8.45 zijn we in de haven en zien we bekende gezichten van de mensen die we gisteren bij de briefing hebben gezien. 

Om 9 uur lopen we naar onze boot, een prachtig blauw exemplaar met de typische drijvers. Ik stuntel met mijn spullen over de loopplank en ik zie het al helemaal voor me dat ik het water in donder, maar gelukkig blijf ik droog. Het schip heeft een binnenruimte, een hutje voor de kapitein, een verstopte keuken, een toilet en een terras op het dat met bankjes en een overkapping. 

 

In de binnenruimte gaan we (nog wat awkward) zitten voor een briefing en krijgen zwemvesten in onze handen geduwd die we braaf aantrekken. Naar de maten wordt niet gekeken, zo verzuip ik in de mijne en lijkt die van één van de Amerikanen meer op een crop top. Gids Darryl houdt een praatje als we wegvaren uit de haven. De crew wordt voorgesteld en bestaat uit 2 ankermannen, 2 gidsen, 1 mechanic, 1 kapitein en heel belangrijk de chef kok. 

Als El Nido uit het zicht verdwijnt trekt de lucht open en schijnt de zon weer. Dit is een goed voorteken. Het duurt niet lang voor de eerste zwemvesten weer uit zijn en al snel komen we aan bij onze eerste stop: Pasandigan Beach. Dit strand is bekend van één van de seizoenen van Expeditie Robinson en daarom worden alle Nederlanders wild van deze locatie. Het is ook echt prachtig. 

 

We krijgen de instructie om niet naar de hutjes aan de linkerkant van het strand te gaan, die zijn van concurrent TAO. We springen het water in met onze snorkels (die kun je ook bij Buhay Isla lenen, maar wij hebben onze eigen meegebracht). Als we bij het strand aankomen zitten er twee honden op een bijzonder intieme manier aan elkaar vast. Het ziet er super zielig uit, maar gelukkig weten ze uiteindelijk van elkaar los te komen. 

Tussen de krabbetjes lopen we wat rond en Gijs vind het maar onzin dat die mensen van Expeditie Robinson nooit wat te eten kunnen vinden, hij ziet overal wel iets eetbaars... Als er op een grote schelp/hoorn geblazen wordt weten we dat het tijd is om terug te gaan naar de boot. Als een school vissen snorkelen we met de hele club weer terug naar de boot. De zwemvesten worden nu door iedereen compleet genegeerd. In de ‘hut’ drinken we oploskoffie (erg heftig) en eten een rijscakeje. Ik kan hier wel aan wennen. 

 

Het weer wordt weer slechter, het is best fris en er zijn hoge golven. Mijn irreële angst voor zeeziekte speelt weer op. We zijn onderweg naar onze lunchplek. Het is weer ontzettend mooi, bij een eilandje met voor de kust een scheepswrak. Dan krijgen we de lunch voorgeschoteld en het is fantastisch. Bakken vol vis, vlees, groente en salades. En het belangrijkste de rijst; oftewel PHILIPINO POWERRRR. Het is een beetje hysterisch opscheppen, maar er blijft genoeg over voor ons twee vegetariërs. Het is echt heerlijk! 

 

Ik heb het zo koud gekregen en ben eindelijk weer een beetje opgedroogd, dus ik sla deze snorkelbeurt over (okay ik heb er achteraf echt spijt van), maar Gijs neemt wel een duik. Het ligt helemaal vol met blauwe zeesterren, maar het water is te troebel om goede foto’s te nemen. Waarschijnlijk door het slechte weer. 

 

Thnx voor de foto Judith!
Thnx voor de foto Judith!

Onze laatste stop wordt gecancelled, het weer is te slecht geworden. Heel jammer, maar ik ben ook best verkleumd ondertussen door de miezer regen. We varen naar ons kamp voor de nacht; Dayo. Het is idillysch. We waren gewaarschuwd dat het back to basic zou zijn, maar dat valt 100% mee. Er is licht en er zijn zelfs wc-potten. Ik duik snel een douchehokje in waar ik met de handdouche het zoute water van me af spoel. Het water is zelfs lekker warm geworden door de zon. Ik voel me gelijk een stuk beter. 

 

Het hutje is simpel, van bamboe met een matrasje erin en een klamboe, meer niet, maar meer heb je toch ook niet nodig. Er is een overkapping die dient als gemeenschappelijke ruimte met een grote tafel en bankjes en stoeltjes. Daar wordt al snel de sprite, cola en rum tevoorschijn getoverd. De sprite en rum combi was mij nog onbekend, maar het is echt een chill drankje. Ook gevaarlijk want het is net limonade.

 

Er wordt gekletst, er worden drankspelletjes gespeeld en we krijgen de primeur van de vuurshow van Darryl. Hij zegt dat het de eerste keer is dat hij zo een showtje weg geeft, maar het is duidelijk één van de beste die ik heb gezien (alsof ik een vuurshow expert ben...). Het blijkt dat wij de enige zijn die zelf bier hebben meegenomen en nu voel ik me echt een alcoholist. Maar als ik met mijn koude blikje bier bij het kampvuurtje sta ben ik er toch wel blij mee. Als ik slap begin te ouwehoeren besluit ik dat het tijd is om mijn hutje in te duiken. Het was een mooie eerste dag.

0 Berichten

Expect the Unexpected

We worden gewekt door de luidruchtige hanen die rond scharrelen in het kamp. Ik heb heerlijk geslapen, misschien wel het beste van deze hele vakantie. Het ontbijt staat al klaar als ik  de hut uit kom en het ziet er weer fantastisch uit! Pannenkoekjes, toast, ei en fruit. Nadat we onze buikjes vol gepropt hebben is het tijd om onze spullen weer in te pakken. Onze tassen worden in gigantische dry bags geladen en met de kano terug naar de boot vervoerd. Wij zwemmen terug en strijken neer op het dak. 

 

Onze eerste stop is een snorkelplek bij een super mooi strand, Cagdanao. De stroming is hier zo sterk, gelukkig ben ik best een goede zwemmer, maar een aantal mensen hebben het echt zwaar. Een deel van de groep gaat volleyballen. De onderwaterwereld is hier zo gaaf! Ik spot de nare zeester die het koraal in de Filipijnen aan het vernielen is, al heb ik het op dat moment niet door. Ik weet wel een gave foto van de creep te maken. 


De tweede stop van de dag is bij Doble Nueve waar we kunnen van een klif kunnen springen. . Gezien mijn uitgebreide cv aan lompe ongelukken besluit ik lekker op de boot te blijven. Gijs  gaat wel en klautert langs de klif omhoog. Als je er eenmaal boven staat lijkt het een stuk hoger dan van de zijlijn. 

 

Het is wel een hele mooie locatie, met mooie kliffen, inhammen en helder water. Nadat iedereen uitgesprongen is het tijd voor de lunch, wederom fantastisch lekker. Ik ontdek okra en snap niet dat ik dit niet eerder heb gegeten. Gijs voelt zich ineens niet goed en gaat beneden op één van de bankjes liggen. 

Onze laatste stop van vandaag is weer een snorkelspot, dit keer bij een  mangrove (Araw Beach). Het water is ondiep en ik ben bang dat ik het koraal raak met mijn lompe gespetter. Ik heb het hier niet zo naar mijn zin als bij andere snorkelplekken. Ik ben een beetje paniekerig als ik grote stekelige dingen zie en heb ook nog een paar bijna botsingen met kwallen. Gijs en een aantal andere worden geprikt. Er zitten hier super mooie zeesterren, ze lijken haast nep. En een Lionfish!!!

Dan gaan we naar ons kamp voor de nacht, kamp Nilay. Hier mogen we niet naar toe zwemmen want hier zitten moordlustige kwallen. Met de kano worden we naar het strand gebracht. Daar vist één van gidsen zo een smerig ding uit het water, gewoon met zijn blote handen. Okay het zijn natuurlijk de tentakels die gevaarlijk zijn, maar toch vind ik het maar dapper. Hij legt uit dat de dingen moeilijk te doden zijn. Als ze uitgedroogd zijn kunnen ze weer gaan leven als ze in aanraking komen met water. Als je ze doormidden hakt, dan gaan ze gewoon als twee nieuwe dieren door het leven. Verbranden schijnt wel effectief te zijn. Creeps. 

 

Gijs gaat op bed liggen en laat zich de rest van de avond niet meer zien. Hij voelt zich nog steeds beroerd en wil niets eten. En laat dit nou het beste eten zijn wat we tot nu toe hebben gehad! Arme jongen. Natuurlijk wordt de rum weer rijkelijk geschonken en er worden weer drankspelletjes gespeeld. Ik vermaak me wel, maar voel me wel een beetje lullig omdat Gijs ligt te creperen in de hut. Ik sta wat te kletsen op het strand en dan zie ik een paar vuurvliegjes. Ik hou van vuurvliegjes <3

 

0 Berichten

Bye Bye Buhay

 Dag 15: 8 januari 2020 - Ergens tussen El Nido en Coron

Ook hier begint er een haan al vroeg te kraaien, rond vijf uur ben ik klaar wakker en voel me uitgerust. Ik ga me opfrissen voor de rest wakker is en gebruik de rust om de schade van een paar dagen niet schrijven in te halen. Ik ben een beetje droevig (serieus) omdat onze dagen op de boot en onze expeditie al voorbij zijn. Ik had gewoon voor die 5-daagse tour moeten gaan! 

 

Als langzaam iedereen ontwaakt is het tijd voor ontbijt. Gijs is weer opgeknapt en eet als een bouwvakker om de schade in te halen. We pakken snel onze spullen weer in en worden met de kano door het enge kwallen-water weer terug naar de boot gebracht. We varen naar onze eerste stop, een strand (Dipalan) waar we heen kunnen snorkelen. Het waait hard wat het zwemmen zwaar maakt. Dan zie ik ook nog eens creepy vissen in holletjes tussen het zeegras. Ze staren me aan en hebben een ‘boos mondje’. Ik krijg last van aanstelleritis en raak helemaal in paniek van de rare dieren. 


Nadat ik bij ben gekomen op het strand en wat heb rondgelopen, zwemmen we weer terug naar de boot. Natuurlijk probeer ik de enge grasvissen te ontwijken, maar op de één of andere manier zwem ik weer precies over ze heen. Volgens mij ben ik in recordtijd terug bij de boot. 

 

Het volgende strand waar we stoppen is echt prachtig, ik denk wel het mooiste tot nu toe, Ditaytayan. Hier kunnen weer zwemmen, snorkelen en chillen op het strand. Het is zonde dat er best veel afval ligt, dit heb ik eigenlijk verder nergens gezien. Om de hoek ligt onze lunch spot, bij een zandbank die uit een film lijkt te komen. De zon is super fel en ik heb nog nachtmerries van ons vorige avontuur op de zandbank bij El Nido, dus ik besluit om onder het afdakje bij de boot te kijken. Zoals elke keer als ik een stop ‘oversla’ heb ik hier achteraf weer veel spijt van. 

 


We maken het beste van de tocht naar ons eindpunt Coron en slaan de flessen rum die we nog hebben achterover. We doen goed ons best en moeten zelf nog even onderhandelen met een andere boot waar er frisdrank geruild wordt voor meer rum. Deze keer doe zelfs ik mee met de drankspelletjes, een unicum. 

 

Bij de haven van Coron voel ik me timide, alsof dit al het einde is van de hele vakantie. Onze bagage wordt uitgeladen en er komt een heuse drugshond om onze spullen te besnuffelen. Het is de schattigste drugshond ter wereld. Een ieniemienie jack russel die meer geïnteresseerd lijkt in knuffelen dan in onze tassen. Natuurlijk vind hij niets, maar mag nog wel een oefening doen waarbij de drugs tussen onze tassen wordt verstopt. Iedereen juicht voor het diertje als hij hierin slaagt. Het is zo schattig! 

 


 

We nemen afscheid en er wordt een groepsfoto gemaakt. Dan gaat iedereen zijn eigen weg. Gijs en ik pakken een tricycle naar ons verblijf Kokonuss. Het is een superfijn verblijf, met een zwembad en restaurant. Jammer genoeg blijven we hier maar één nacht. We frissen ons op en gaan naar het restaurant voor spaghetti en bier. We regelen alvast een transfer voor de volgende ochtend om naar de luchthaven te komen, voor we in onze zachte bedjes duiken en dromen over de toffe trip die we gemaakt hebben. 

 


0 Berichten

Welcome to Manilla

Ik heb heerlijk geslapen, maar nog wel wat last van zeebenen. Voor het eerst in lange tijd weer een warme douche, ik kan er bijna niet onder vandaan komen. Braaf gaan we bij de ingang zitten wachten op onze transfer. En wachten, en wachten, en wachten. Er zitten meer mensen, dus ik heb wel de juiste tijd aangehouden, maar het duurt wel echt heel lang. Ik kan maar niet wennen aan die Filipino tijd, altijd minimaal een half uur te laat. Uiteindelijk komt er een busje aan. In één oogopslag zie ik al dat we echt niet met al deze mensen in dat busje gaan passen. Gelukkig zitten wij dichtbij en schuiven snel de auto in. De chauffeur staat even te kibbelen met de dame van het verblijf, pleegt wat telefoontjes en dan is het eindelijk tijd om te vertrekken. Zorg dus dat je echt ruim op tijd een transfer boekt, het duurt altijd veel langer dan je verwacht.

Het is niet ver rijden naar het vliegveld, ik schat zo een 25 minuten vanaf Kokonuss. Hier staan we natuurlijk weer in de ene rij na de andere, maar volgens mij begin ik er aan te wennen. Dit vliegveld is klein en mega onduidelijk. De omroeper is niet te verstaan en we snappen niet waar en hoe laat we mogen boarden. Even denk ik dat het aan mij ligt, maar dan zie ik nog een stuk of 100 mensen verdwaasd om zich heen kijken. Uiteindelijk staan we dus allemaal in de verkeerde rij! 

 

We stappen het kleine vliegtuigje van Cebu Pacific in en het duurt voor de verandering niet lang voor ik in slaap val, zelfs nog voor we zijn opgestegen. Tussendoor schiet ik even wakker en geniet van het mooie uitzicht. De heldere zee, eilandjes en zandbanken schieten onder ons door. Na ongeveer anderhalf uur zie ik de wolkenkrabbers van Manilla verschijnen.

Als we met onze bagage weer op onze rug een taxi (ik mis de tricycles nu al) willen pakken komen we weer terecht in een draaikolk van verwarring. Er zijn iets van 3 taxistandplaatsen, die allemaal een ander soort taxi aanbieden. Ik snap er geen reet van en het is bloedheet. Natuurlijk staan we in de verkeerde rij. Er komt maar geen taxi en de chauffeurs die langs rijden lijken ons uit te lachen (of beeld ik me dit in??). Dan storm ik maar naar de andere rij, waar we binnen vijf minuten in een auto kunnen. Ik snap het verschil nog steeds niet. Iets met coupons ofzo. Voor zover ik weet worden we ook niet genaaid en voor 250 filipijnse doekoes worden we naar het hotel gebracht. 

 

De weg er naartoe is een hel, het is spitsuur en om de paar seconden staan we weer stil. Gijs en ik komen er steeds vaker op terug dat we misschien niet zo van grote steden houden, uitzonderingen daar gelaten. Na ruim 50 minuten!! Komen we aan bij Tivoli Hotel, een appartementen complex aan de rivier. Daar zijn we weer helemaal in de war, er zijn een paar hoge torens die allemaal een andere naam dragen. Uiteindelijk komen we uit bij de receptie, maar het is geen hotelreceptie. Het is gewoon iemand die ons de sleutel geeft. Zoek zelf maar uit waar je heen moet. Ik ben moe, heb het warm en ben het zat.

We gaan naar de lift, waar we moeten uitpuzzelen hoe die werken. Serieus, het is echt vaag! De ene lift gaat naar bepaalde verdiepingen en de volgende weer naar andere. En we weten ook nog eens niet op welke verdieping we moeten zijn. We vragen het aan de vrouw met haar armen vol tassen met boodschappen die met ons de lift in stapt. Ik denk, gezien het nummer van het appartement, dat we op de zesde verdieping moeten zijn, maar zij zegt neeeeee volgens mij 21. Holy shit, dit gebouw heeft gewoon 41 verdiepingen. Niet normaal. We zoeken ons rot op de 21ste verdieping, duizelen even bij het uitzicht, maar besluiten toch dat dit niet de goede vloer is. We gaan weer naar beneden en na wat speuren vinden we inderdaad ons appartement.

Het is hermetisch afgesloten, met een hekwerk en sloten. Het is een super chill verblijf. Goed bed, een bankje, fijne badkamer en een eigen keuketje met apparatuur. Er is een koelkast, waterkoker en magnetron. Het balkon kijkt uit op het basketbalveld op het dak, dat veel in gebruik is. Ik heb hier al zo veel mensen zien basketballen, het is hier echt populair. Wel vraag ik me af wat er gebeurt als de bal over de muur gaat en van zo een hoogte naar beneden stuitert…We gaan naar beneden, vlak voor de receptie zit een klein winkeltje. Hier halen we snacks en drinken en chillen even in het verblijf, we hebben ook nog niet gegeten. Eigenlijk heb ik helemaal geen zin meer in Manilla, terwijl ik er eerst naar uit keek. Ik denk dat het door de drukte komt, na die paar dagen op de boot met Buhay Isla. Toch besluiten we ergens te gaan eten.

 

We steken het water over en lopen langs de drukke autoweg, het is gelukkig niet meer zo druk als toen we naar het hotel reden, maar toch moeten we nog regelmatig scooters, of zelfs auto’s ontwijken die de stoep gebruiken om in te halen. Ik moet zeggen dat ik wel had verwacht dat het hier een stuk chaotischer en om heel eerlijk te zijn, smeriger, had verwacht. In mijn hoofd generaliseer ik alle aziatische hoofdsteden. Jakarte was een puinbak, Yangon gewoon hysterisch, maar hier valt het echt nog mee.

 

Bij Greenbar, een vegan tent, gaan we zitten. Het is een echte hipstertent en ik voel me gelijk thuis. We drinken een lokaal gebrouwen biertje, een bak nacho’s (dat MOET ik bestellen als ik het zie staan) en een burger. Gijs neemt Hail Seitan (geniale naam). Het eten is goed, maar op de één of andere manier voelen we ons allebei niet lekker. Ik denk ergens dat het door het biertje komt, misschien staat dat er al te lang ofzo. Geen idee, maar we lopen gelijk terug naar het verblijf. Natuurlijk komen er precies nu twee mensen uitgebreid met ons kletsen. Echt stom, ik voel me zo aso, maar ik kan echt niet gezellig doen. Terug in het verblijf blijf ik me beroerd voelen. Als ik me morgen nog zo voel, dan ga ik naar de dokter….


0 Berichten