Koloniaal dorpje

Weg uit Mandalay, ik heb er geen probleem mee. Alleen het feit dat de vakantie zo snel gaat en dat we nog maar twee plekken zullen gaan bezoeken vind ik toch wel een vervelend idee. 

 

Met een shared taxi zullen we naar de volgende bestemming gaan. We worden bij hotel A1 opgepikt (nadat ik ben onder gescheten door één van de duizend duiven, dit zegt al genoeg, Mandalay is niets voor mij). We rijden Mandalay door op weg naar de volgende meerijders. Op een gegeven moment is de chauffeur volgens mij een beetje verdwaalt en het duurt allemaal lang. 

 

Uiteindelijk is de taxi vol en gaan we op weg, net even wat meer naar het noorden. We hadden dit eigenlijk met de trein willen doen, het schijnt een fantastische rit te zijn, maar ik heb deze vakantie mijn planning en route niet helemaal op orde. De trein vertrekt om 4 uur in de ochtend. Achteraf denk ik dat we dit gewoon hadden moeten doen, maar op het moment daar hebben we toch besloten er van af te zien.

Royal Flower

Deze rit gaat op de één of andere manier heel snel, voor we het weten rijden we Pyin Oo Lwin (of Maymo) binnen. Het is er koeler en heel groen. Het ziet er rustig en netjes uit, het lijkt er een stuk gezelliger. Al snel worden we voor Royal Flower Guesthouse afgezet. Dit ziet er precies zo uit als op de foto. Een donker roze, koloniaal huis met een fijne uitstraling. 

 

We worden ook gelijk hartelijk welkom geheten door een man die super goed Engels spreekt. Hij stelt zich voor als Koko en is enorm behulpzaam. Allereerst moeten we wat registratieformulieren invullen. Eigenlijk hoor je die bij elke stop in te vullen voor de overheid, maar in de meeste verblijven doen ze dit zelf vluchtig. Ik snapte de kruisverhoren bij de andere verblijven ook al niet. Elke keer vroegen ze streng, "where do you come from, where are you going". 

De kamer is fijn, dit is het beste bed tot nu toe! Er hangt een fijne tv, want s'avonds is er niet heel erg veel te doen in dit dorp. Van Gijs mag ik Harry Potter niet afkijken... Er is een groot dakterras, waar je de zonsondergang (en opkomst voor de vroege vogels) kunt bekijken. 

 

Het is nog redelijk vroeg en we gaan een rondje door het centrum lopen en willen lunchen. We komen terecht bij een burgertent. Een hoop bedelaars komen binnen lopen en een centje vragen. Op een gegeven moment wordt dit behoorlijk vervelend. Ook wanneer we verder het dorp inlopen komen ze achter ons aan. Een jochie blijft maar bij me lopen, maar we hebben net zijn moeder en zusje al gegeven. Sneu, maar ik kan niet blijven geven. 

 

Een grote klokkentoren doemt op en past totaal niet in het plaatje van Myanmar, het is een overblijfsel uit de Britse kolonisatie. Het is wel leuk om te zien dat je midden in Azië dit soort bouwwerken tegen komt. We lopen verder en komen op de schoonste en meest logische markt tot nu toe terecht. 

Colonial Street

Even verderop ligt Colonial Street, een straat met huizen uit de koloniale tijd. Ik moet zeggen dat ik er niet heel veel aan vind, ik moet heel erg aan Baarn denken waar mijn opa en oma wonen. Maar het is een lekker rondje lopen en het is er heerlijk rustig. Dit is heel fijn. 

 

Vlak bij de guesthouse is een supermarkt. We slaan wat rommeltjes in en ik koop een paar pleisters. Hier koop je die niet per doosje, maar per stuk. Mijn hiel is helemaal kapot van het lopen in Mandalay, waar ik het goede idee had om mijn Allstars aan te trekken (tot bloedens toe). 

Op het dakterras van Royal Flower Guesthouse en kijken hoe de zon onder gaat. Je merkt wel dat het hier een stuk kouder is 's avonds. We lopen door het donker, langs een drukke weg naar een restaurant, Woodland, aan de circular road. 

 

Het is een fijne tent, met live muziek en lekker eten. Ik moet zeggen dat ik geen fan ben van de bediening. Je moet erg veel moeite doen om weer iets te kunnen bestellen, maar ik zou het zeker aanraden. Misschien moeten we niet zo achteraf gaan zitten, maar midden op het terras...

0 Berichten

Takins, toekans en tuinen

We worden pas laat wakker, maar ik heb goed geslapen. We worden rustig wakker op het dakterras, met een ijskoffie, heerlijk! 

 

Bij Koko lenen we twee fietsen en gaan op weg naar de botanische tuinen, waar Pyin om bekend staat. Het fietsen gaat hier gemakkelijk, het is rustig en de wegen zijn goed. Bij de entree betalen we ongeveer €5 om naar binnen te mogen. Bij de ingang staat al gelijk een bord met verboden betelnut te kauwen. Heerlijk!

 

Bij een cafétje besluiten we gelijk even te gaan zitten, we hebben nog niet ontbeten. Ik bestudeer de kaart die we hebben gekregen. Een beetje bejaard misschien, maar ik heb echt zin om de tuinen te gaan verkennen. Het is heerlijk rustig. 

Fossielen

Door de tuinen lopen we naar de eerste attractie, een fossielen museum. Ik heb een obsessie voor de prehistorie, dus ik ben erg benieuwd. Ik moet zeggen dat het erg leuk gedaan is, er liggen interessante stukken, maar het glas is soms zo smerig van alle vingerafdrukken, dat je bijna niet kunt zien wat er achter ligt. Bij de ingang ligt een versteend stuk hout, dat je aan moet raken voor geluk. Naast het fossielen museumpje ligt een hutje met allemaal versteend hout. Ze laten hier ook zien hoe het gepolijst wordt. 

Moeras

Het begin van het park is nog vrij schoon, maar als we de swamp walkway op gaan komen we toch best veel troep tegen. Het is een moeras landschap met houten bruggen die daar doorheen lopen. Het is heel leuk gedaan, maar zonde dat alles overal maar wordt neergegooid. Het is gek, want er zijn zat lege vuilnisbakken te vinden. Misschien denken ze hier dat plastic aan de bomen groeit...

Rare dieren

Na het moeras komen we uit bij een bamboe bos. Hier is ook een omheining te vinden met daarin dieren waar ik nog nooit van heb gehoord, de Takins. Ze lijken op een kruising tussen een os en een eland, maar volgens Wikipedia is het een soort gnoe/geit uit Tibet (en zoals iedereen weet, Wikipedia liegt nooit!). 

Even verderop ligt een andere houten walkway, die redelijk de hoogte in schijnt te gaan. Echter hou ik het na een meter of twintig voor gezien. Het is een gammel ding en er steken overal spijkers uit, ontbreken planken en alles zit los. Ik ga lekker dezelfde weg terug. 

 

We halen een biertje bij een winkeltje, waar we tien minuten over doen om duidelijk te maken wat we nou precies willen. Even verderop gaan we zitten en bestuderen de mensen die hier rond lopen. Het lijkt alsof de helft uit nonnen en monniken bestaat die een dagje uit zijn. 

We gaan de aviary in, hier zijn Gijs zijn geliefde toekans (die volgens hem kaketoekans heten) te vinden. Ik vind de dieren met gigantische snavels maar griezelig. Volgens mij tikken ze zo een gat in je schedel! Bij de ingang zijn de dieren nog wat sneu. Ze zitten in veel te kleine hokken. Maar in het grotere open deel zit er eentje rustig op een paal en wordt door de bezoekers honderden keren op de foto gezet. Er lopen nog een paar grauwe pauwen rond, maar veel andere dieren kan ik niet ontdekken. 

 

De volgende stop is een vlindermuseum, waar je geen foto's mag maken. Dat is wel jammer want er zijn prachtige exemplaren te vinden. Ook zijn er vreemde kevers en andere insecten te zien, keurig vastgepind achter glas. 

Een korte stop bij de orchideeën kwekerij, er zijn echt mooie bloemen te zien! Maar verder is het niet heel veel bijzonders. We lopen door naar de uitkijk toren en hopen op een mooi uitzicht over de omgeving van Pyin. Met de lift schieten we omhoog in de roze toren. Bovenin staat een aantal jongeren keihard te schreeuwen en te zingen. Je hoort ze door het hele park. We maken snel een paar foto's en gaan weer naar beneden. We hebben het park inmiddels wel aardig verkent en gaan terug naar de uitgang. 

 

Bij een restaurant, Lake View, gaan we even zitten. Het bestellen is weer een groot probleem. Na de eerste ronde komt er niemand meer en is er nergens meer iemand te bekennen. Heel vreemd (en hinderlijk). Het eten vind ik ook eigenlijk niet lekker. Een droge burger met heel veel ui. Toch zonde, want op Tripadvisor krijgen ze een hoge score... 

 

Die avond gaan we naar een restaurant, waarvan ik de naam niet kan ontdekken. We hebben net een burger achter onze kiezen en willen eigenlijk alleen wat eten. Toch krijgen we een soepje, met veel koriander er in. Ik doe heel erg mijn best om het weg te werken, maar ik krijg net de helft op, ik zit nog zo vol. Gijs krijgt zelfs nog een refill, die hij eigenlijk niet wil. Wel super aardig, terwijl ze weten dat we geen diner gaan nemen. 

 

Ondertussen roven zwerfkinderen de halve tent leeg. Ze sneaken onder de balie door aan de voorkant van het restaurant en pakken wat ze pakken kunnen. Van een afstandje is het best grappig. De meisjes van de bediening jagen ze steeds de tent uit, maar vijf minuten later staan ze weer binnen. Ook de gasten die aan de rand van het terras zitten worden lastig gevallen. Ze vragen constant om een centje (volgens mij halen ze ook heel wat binnen). Ik raad in Pyin zeker aan om zo ver mogelijk naar achteren te gaan zitten, want langs de weg krijg je geen rust. 

0 Berichten

Tuktuk

Wat heb ik een rare nacht gehad. In eerste instantie werd ik wakker omdat ik dacht dat er een aardbeving was. Ik ben denk ik wel anderhalf uur wakker gebleven. Ik vermoedt dat het iets te maken heeft gehad met de malariatabletten. 

 

Het was mijn bedoeling om die ochtend bustickets vanaf Yangon naar Ngwe Saung (een dorp aan de zee) te boeken, maar twee uur later is dit nog niet gelukt. Ik krijg er gewoon buikpijn van. We vragen Koko om ons te helpen, maar hij zegt dat het niet nodig is. Als we in Yangon aankomen moeten we gewoon naar het busstation, er gaan zat bussen naar Ngwe Saung. 

 

Daarom is echt backpacken zonder iets van te voren te boeken niets voor mij. Ik kan het idee dat ik niet uitkom waar ik wil niet van me afzetten en raak er helemaal van door van slag. 

 

Koko regelt nog wel even dat een tuktuk ons komt halen. We willen vandaag de watervallen bekijken. Hij zorgt dat we ook nog langs een koffieplantage en het huis van de gouverneur gaan. Een kwartier later staat het brommertje met achterbak voor de deur. 

 

Het is winderig en hobbelig achterin, maar het is ook wel weer een belevenis. Gijs wordt keihard gelanceerd en knalt met zijn hoofd tegen het dak. 

Klagen en zeuren

Bij de waterval worden we afgezet. Er wordt een kant opgewezen, naar een zandpad vol vervelende keien, en zoek het maar uit. Zo moeilijk kan het dus niet zijn. Als we de hoek om gaan blijkt het toch best steil te zijn. Ik weet nu al dat de terugweg een hoop gemekker en gezeur van mijn kant gaat opleveren. 

 

Niet veel later komen we bij een klein watervalletje. We weten niet helemaal zeker of dit nou is waar we voor gekomen zijn, maar gaan sowieso even kijken. Er komt een oud mannetje aangelopen. "This is small waterfall, I will take you to big one" roept hij naar ons. We volgen hem, we moeten wel want er is maar één pad. Ik ben altijd bang dat we ineens ergens voor moeten gaan betalen, maar opnieuw is het mannetje gewoon blij om zijn omgeving te laten zien. Hij kletst een beetje met Gijs, terwijl ik inmiddels de gigantische spinnen heb gespot die zich in grote getallen hebben verschanst langs het pad. 

De oude man verteld dat hij een mooi uitzichtspunt weet, waarbij je vlakbij de waterval komt. Het is een smal pad, door de bosjes. Ik durf dit echt niet, maar ik voel me er heel schuldig over. De spinnen vind ik gewoon te eng. De man probeert het nog "No spiders here" maar naast hem is een buitengewoon griezelig exemplaar te zien. Ik zeg nog tegen Gijs dat hij moet gaan en ik wacht wel op hem, maar dit wil hij niet. Ik denk dat ik thuis maar eens een angst therapie ga volgen... 

 

Met een schuldgevoel ga ik verder naar beneden. De oude man is wel doorgelopen via het bospadje. Het duurt een eeuwigheid, maar langzaam dalen we toch. Onderweg komen we een aantal vrouwtjes tegen die een hangmat dragen, met daarin een toerist die zich naar boven laat tillen. Best een beetje raar... 

 

Het wordt langzaam glibberiger, wat betekent dat we in de buurt komen. Allereerst komen we bij een groot standbeeld, waar mensen aan het bidden zijn. Gijs blijkt dit gewoon helemaal niet gezien te hebben... Even verderop is de waterval. Deze is ontzettend gaaf, vooral door de gouden pagode die er voor ligt. Hier strooi ik een beetje as uit, een mooiere plek had ik niet kunnen bedenken. 

 

We genieten van de waterval en lachen om de mensen die zich het water in wagen. Er is zelfs een restaurantje, maar ik denk niet dat je hier echt goed kunt eten, alles wordt zeiknat!

Met flinke tegenzin gaan we weer naar boven. Als ik bekijk dat de weg naar beneden al zo vervelend was, dan ga ik kapot op weg naar boven. Ik heb ook nog niet ontbeten... Dit was niet heel erg slim. Een paar stops en een halve black out later komen we toch boven aan. Het ging eigenlijk sneller dan ik had verwacht, maar toch kon het niet zonder een eindeloze stroom aan gejammer en geklaag. 

 

Bij een winkeltje boven op de berg halen we een cola, ik drink dit eigenlijk nooit, maar de suiker zal me goed doen. We stappen de tuktuk weer in en rijden we naar de koffieplantage. Ik hoopte op een rondleiding en iets om te proeven, maar het is puur een stop bij de plantage en de bestuurder van de tuktuk laat ons even de bonen zien. 

 

Ook het huis van de gouverneur vind ik niet heel erg boeiend. Het is een mooi bouwwerk en leuk om te zien dat het een combinatie is van Birmese bouwstijl en het koloniale. 

We worden weer afgezet bij Royal Flower Guesthouse, maar ik wil het centrum niet meer in. Gisteren werden we flink lastig gevallen door een stel zwerfkinderen en ook sloeg een voorbijganger mij op mijn arm, zonder aanleiding. We vragen twee fietsen aan Koko en gaan nog een avond naar Woodland. Dit is lekker afgelegen een fijne afsluiter van onze dagen in Pyin Oo Lwin. Morgen reizen we weer door. 

0 Berichten

Reizen, reizen en nog eens reizen

De hele nacht is er muziek en zang geweest in het klooster een straat verderop, weer een slechte nacht gehad. Ik wordt er (letterlijk en figuurlijk) een beetje moe van. We pakken onze tassen in en kletsen nog wat met Koko, die ons wat tips geeft voor onze volgende bestemming, Ngwe Saung. De taxi naar het vliegveld van Mandalay is al onderweg. 

 

Een klein mannetje met feloranje haar en baard komt aangereden. Hij spreekt niet meer woorden Engels dan "camera" en "nice view". Maar Koko regelt nog even dat we bij een paar mooie plekken onderweg zullen stoppen. 

 

Het mannetje rijdt met zijn hand op de toeter en af en toe wil ik deze er wel af rammen. Ik snap het gewoon niet, dat getoeter de HELE weg. We stoppen inderdaad bij een aantal viewpoint, zoals Koko heeft gevraagd. Hier kan ik maar weinig van het uitzicht genieten, omdat ik met de lokale bevolking op de foto moet. 

 

Wanneer ik denk dat we er zijn (airport road), duurt het nog ruim een half uur voordat we bij het vliegveld aankomen. Onderweg zie ik het meest zielige hondje van de hele vakantie. Het dier is verlamd aan zijn achterpoten en sleept zichzelf voort over de scherpe stenen, door de brandende zon, ik ben blij dat Gijs net even de andere kant op kijkt, maar zelfs maanden later moet ik nog aan dit beestje denken. 

Veel te vroeg zijn we op het vliegveld. Hier kletsen we wat met een meisje uit Zwitserland, dat op weg is naar het Noorden van Myanmar. Wij hebben gehoord dat je hier niet heen mag, maar zij zegt dat haar vriendin daar al een paar weken geleden is aangekomen. Heel jammer! Dit had ik ook wel willen zien. 

 

Een paar uur later gaan we inchecken. Er komt geen paspoort aan te pas... In de gate zien we het Zwitserse meisje weer, haar vlucht heeft vertraging, maar uiteindelijk mag ze nog met een andere vlucht mee. Ook onze vlucht heeft vertraging, maar gelukkig maar een half uur. Ik heb ergere verhalen gehoord. In de gate staat een lang, Birmees meisje die veel bekijks trekt. Gijs denkt dat ze van The Voice of Myanmar is. Geen idee of dat klopt, maar ze staat met de hele gate op de foto en is duidelijk een beetje geïrriteerd. 

 

Na drie kwartier landen we al op Yangon en het is even wachten op de bagage. De andere reizigers staan als een stel gieren op de koffers te wachten. Het slaat nergens op, je koffer komt vanzelf, dat duwen en trekken heeft echt geen nut. Op het vliegveld lopen we naar de tourist info punt, maar zij kunnen ons niet helpen aan bustickets naar Ngwe Saung. Ze wijzen ons naar een andere tourist info, maar hier krijgen we hetzelfde antwoord. Heel irritant, het hele infopunt slaat nergens op. 

 

Buiten vragen we het aan een taxi chauffeur. Die zegt dat er geen bussen meer gaan. Ik weet dat dit onzin is, want ik heb een paar uur naar de vertrektijden zitten staren toen ik een zitplaats probeerde te boeken. Een andere chauffeur komt ons helpen. Hij snapt niet wat de andere nou uit zijn nek zit te zwetsen en hij rijdt met ons naar een van de boekingskantoortjes in het centrum 

 

Het is enorm druk onderweg en we nemen een aantal keer een shortcut. De chauffeur stopt in een drukke straat en ik zie inderdaad een uithangbord van Golden Star Express, hier heb ik online proberen te boeken. De taxichauffeur gaat met ons mee naar binnen om er zeker van te zijn dat het goed gaat. En ja hoor, binnen no time hebben we tickets voor de rit die om tien uur vertrekt... 

 

We bedanken de taxichauffeur een keer of duizend en gaan op zoek naar wat te eten. Dit wil niet echt lukken, we lopen maar komen geen enkel eettentje tegen. Dan maar terug. Onderweg gaan we even zitten en drinken wat, maar hier ga ik echt niets eten, het ziet er zo smerig uit. Het is enorm benauwd in Yangon en ook vreselijk druk. Met onze grote tassen komen we bijna niet door alle voetgangers heen. We besluiten bij het kantoor van Golden Star Express te gaan zitten en halen wat te eten en drinken bij een supermarktje. 

 

Wanneer de ene na de andere  bus aankomt, wordt het allemaal wat verwarrend. Er wordt in het Birmees omgeroepen, maar niets in het Engels. Er zijn ook maar weinig toeristen die de bus nemen blijkbaar, maar volgens mij worden we wel gewaarschuwd als het zo ver is. En ja hoor, uiteindelijk worden we aangetikt. De bus staat voor ons klaar. In Yangon zelf stoppen we bij nog een aantal haltes, maar al snel gaan alle lichten uit en kan ik niet meer lezen. Dan maar proberen te slapen. 

 

Even wordt ik nog wakker om gebruik te maken van een toiletstop om een uur of twaalf, maar verder slaap ik eigenlijk best goed. Op die keer na dat de persoon achter me vol in mijn gezicht grijpt bij het opstaan. Waarom? 

 

Om drie uur worden we grof wakker geschud, we zijn op onze bestemming. Ik begrijp er niets van, tegen ons is gezegd dat we pas rond half zeven aan zouden komen! Nu staan we midden in de nacht al op de stoep. De eigenaar van de guesthouse is niet echt blij als we hem wakker maken. Hij geeft aan dat het helemaal vol zit, maar dat we wel op de hangmatten aan de achterkant van de guesthouse mogen slapen. Ik vind het prima!

0 Berichten