Buda & Pest

Ik ben zo blij dat we dit bed achter ons kunnen laten, ik ben gebroken. Toch besluiten we te gaan lopen naar het station, wat een bikkels zijn we. Het gaat een stuk soepeler dan de heenweg. 

 

Nadat we de kaartjes hebben gekocht naar Budapest moeten we nog anderhalf uur wachten. We gaan zitten bij een restaurantje boven het station en observeren het leven van de zwervers/alcoholisten die op het busplein rondhangen, zeer educatief. 

 

Deze treinreis duurt echt lang, vooral met het saaie Slowaakse uitzicht. Op het moment dat we de grens met Hongarije over gaan is het gelijk een stuk boeiender. Weilanden maken plaats voor bossen, bergen en de Donau. Op de bergen zie je af en toe een kasteeltje verschijnen, super gaaf! 

Op het station van Budapest gaat het even een beetje verkeerd. We hebben geen idee hoe we bij het volgende hostel, Backpack Guesthouse moesten komen, of hoeveel Florinten we moeten pinnen en wat deze waard zijn in Euro's. Niet echt goed voorbereid... Door de verwarring gaan we ook nog eens lopen kibbelen. We besluiten dat we wel wat verkoeling kunnen gebruiken en gaan een restaurant,  Baross Terem, binnen. Dit is gigantisch en leeg, behalve vijf man aan personeel is er niemand. We drinken een biertje en Gijs wil gebruik maken van het toilet. Een ober loopt met hem mee naar een deur helemaal achter in de ruimte. Gijs daalt een trap af en verdwijnt uit het zicht. Ik krijg er een ongemakkelijk gevoel van. De ober komt terug lopen naar mijn tafel. "You'll never see him again" zegt hij grinnikend, dat breekt wel even het ijs. 

 

De kaart

We bestudeerde de kaart die we bij een enorm chagrijnige en totaal niet behulpzame medewerker van het toeristen info punt hadden gekregen. Echt ongelooflijk, die man was niet te genieten. Nadat we bij het restaurantje waren geweest konden we gelukkig weer aardig tegen elkaar doen en besloten maar gewoon een taxi te nemen. De straat van het hostel is gewoon  niet terug te vinden op de kaart. 

 

We hebben al snel een aantal taxi chauffeurs gevonden en we vragen hen waar ons hostel ligt. Na een discussie in het Hongaars, blijkt het aan de overkant van de Donau in het Buda gedeelte van de stad. Onze kaart is gewoon te klein, de straat die we zochten valt er net buiten. 

 

Omdat we geen idee hebben hoeveel Florinten waard zijn, hebben we geen idee wat we moeten betalen voor het ritje. Ik heb het gevoel vet belazerd te worden (dit blijkt achteraf helemaal niet zo te zijn). Het is een rit van ongeveer een half uur, maar we staat regelmatig stil door het verkeer.

Budapest is fantastisch mooi, ik heb de hele rit met mijn mond open gezeten. Toch weer heel anders dan de vorige plaatsen die we bezocht hebben. 

 

Het hostel Backpack Guesthouse (tegenwoordig heet het Shantee House!) ligt in een gewone woonwijk, met een soort hippie Feng Shui kiezelstenen voortuin. We halen onze tassen uit de auto en gaan naar binnen. De man die ons komt begroeten is te typisch voor woorden, halflang haar, batik shirt aan, korte broek en sandalen, deze man komt rechtstreeks uit een stonerfilm. 

 

De man gaat op zoek naar onze reservering in de computer, maar is wel erg lang bezig. "There's a problem" zegt hij opeens, en ik schrik me rot, dat meen je niet..."We have room for fifty people, but tonight we have ninety" verteld hij. Ondertussen zie ik achter hem, in de keuken, iemand op een houten bankje slapen. Onze slaapplekken in de dorm zijn weg gegeven. Even ben ik verontwaardigd, maar gelukkig geeft hij aan dat hij een tweepersoonskamer voor ons heeft, die eigenlijk beter is dan de dorm. Waarom begint hij daar niet gewoon mee? Ik zat al een beetje op te hikken tegen het slapen in de dorm, maar de prijzen van dit hostel liggen redelijk hoog, maar we kennen het van BNN op reis of één van die programma's en het lijkt ons een toffe plek. 

 

We worden naar onze kamer gebracht, deze ligt aan de tuin heel relaxt. Het is een prima kamer, gewoon een bed (dat ook nog een beetje zacht is) en een kast. Geen badkamer, deze ligt verderop in de hal. De achtertuin is heel gaaf, met hangmatjes, een grote tent om in te slapen en je kunt er zelfs je eigen tentje op zetten. De volgende ochtend konden we goed zien hoe druk het eigenlijk was, overal lagen mensen de slapen, ook de tuin lag vol. 

Wandeling

Natuurlijk besluiten we heel eigenwijs lopend op zoek te gaan naar eten. Ik dacht dat ik vanuit de taxi restaurantjes in de buurt had gezien, maar dit denk ik wel vaker. Uiteindelijk lopen we terug naar het centrum, aan de andere kant van de Donau en eten bij een schattig mediterraans tentje. 

 

Eigenlijk willen we terug naar het hostel, maar wanneer we de grote witte brug naar de overkant oversteken zien we een waterval in de Gellértberg, met een bruggetje dat er voorlangs loopt. Daar wil ik wel even kijken. Halverwege blijkt dat we nog verder omhoog kunnen klimmen en ik ben wel benieuwd naar het uitzicht, dus na het bruggetje, waar gasten staan te zuipen dus zo tof was het niet, lopen we verder omhoog. 

 

We komen bij een halve cirkel van zuilen, met in het midden een groot beeld van een man die een kruis in zijn hand heeft dat hij uitsteekt naar de stad. Op dit punt heb je al een mooi uitzicht over de stad. 

Hoe donkerder het wordt , hoe mooier de stad. De verlichting laat de gebouwen goud kleuren, echt gaaf! We lopen nog verder omhoog. Op een gegeven moment komen we een stel jongens tegen die als bezetenen aan het graven zijn. Even verderop gaan we zitten en kijken even wat ze aan het doen zijn. Het is bizar, ongestoord gaan ze verder en kijken voor niemand op. 

 

Een laatste lange trap op klauteren en we komen uit bij het Citadel, een soort fort boven op de berg. Er zijn veel toeristen met camera's met gigantische lenzen. Er is een parade van mensen in traditioneel Turkse kleding, die met veel muziek en dans voorbij geschoven komen. Het uitzicht is heel mooi, het is inmiddels helemaal donker. 

 

We lopen rond bij het citadel en komen uit bij een soort plein. Hier staat een gigantisch beeld van een vrouw met een veer die ze hoog boven haar hoofd in de lucht houdt. Het is een soort vrijheidsbeeld en is best tof om te zien. 

 

Nadat we alles wel zo een beetje gezien hebben besluiten we terug te lopen naar het hostel, dit was natuurlijk weer even zoeken, maar inmiddels ben ik dit wel van ons gewend. Het bed blijkt toch niet zo zacht te zijn als ik die middag dacht, maar het is altijd beter dan het betonnen bed uit Bratislava. 

0 Berichten

Margit Sziget

Niet geweldig geslapen, maar beter dan in Bratislava. Overal in de tuin van het hostel liggen mensen te slapen en midden in de nacht waren er ook mensen onze kamer in komen lopen (er is geen slot op de deur...). We besluiten om weer te gaan lopen naar het centrum, soms begrijp ik ons echt niet. 

 

We verdwalen op de één of andere manier en komen uit op een industrieterrein. Het is bloedheet, maar gelukkig zien we op een gegeven moment de Donau en volgen deze naar Pest. 

 

Aan de overkant van de brug lopen we tegen een groot, gekleurd marktgebouw aan en gaan naar binnen. Overal zijn kraampjes, op de beneden verdieping is dit vooral eten, maar de boven verdieping staat vol toeristentroep. 

We struinen langs de Donau en komen langs het schoenenmonument. Op deze plek zijn tientallen Joden door de Nazi's de Donau in geschoten. Het is een bizar idee. 

 

Achter ons ligt het parlementsgebouw, dit is echt bizar mooi! Het kan zo als decor dienen in een fantasie film. Het staat vol met beelden en er is een mysterieus zwart torentje te vinden tussen al het stralende wit. 

Via een mooie gouden brug kun je op één van de eilanden in de Donau komen, Margit Sziget. Het is een soort stadspark waar mensen heen komen om te ontspannen. Kinderen spelen in de fontein, stelletjes zijn aan het picknicken en er crossen mensen in rare wagentjes rond. 

 

We gaan op een terrasje zitten, maar worden maar niet geholpen. Iedereen om ons heen krijgt een kaart en er staat constant bediening om hen te helpen, maar wij worden buitengesloten. Gijs gaat maar naar binnen om het te halen, wat een raar gedoe weer. Snel drinken we het biertje op en gaan weg. 

 

Op het eiland liggen een aantal ruïnes tussen al het groen. Ik heb best honger gekregen en we gaan nog maar eens proberen of we ergens geholpen worden. Bij een hoge toren gaan we zitten, maar opnieuw is de bediening gewoon kut. Ze staan er met zijn drieën, maar het enige dat we krijgen is een biertje en een paar boze blikken. Ik weet niet wat we hier verkeerd doen, maar dit is wel het begin van onze vloek... Gijs en ik kunnen niet normaal op een terrasje zitten, we krijgen één drankje en daarna zien we niemand meer. Vaak moeten we zelfs op zoek naar iemand om te mogen betalen... Hinderlijk. 

 

Het eiland is veel groter dan het lijkt vanaf de brug. Wanneer we terug naar het vaste land willen komen we nog een hele hoop thermische baden tegen, waar Budapest bekend om staat. Eenmaal terug in Pest is het eindelijk tijd om te eten. We gaan naar de Eatalian (haha leuk grapje) en het eten is er super goed! 

Zandstorm

Aan de oever van de Donau gaan we zitten op een mini terrasje, dat uit drie tafeltjes bestaat. Opeens wordt het helemaal donker achter Gijs. Ik zeg hem dat hij even achter zich moet kijken, het lijkt net alsof er een hoosbui aankomt. Net wanneer hij zijn hoofd omdraait worden we gezandstraald. Het is een zandstorm! Het is bizar. Een minuut lang worden we door de korrels geraakt, maar ineens gaat het toch over in keiharde regen en onweer. We helpen de ober om zijn terras snel naar binnen te halen en wachten in de hoop dat het zo voorbij is. 

 

Dit duurt te lang en na een half uur besluiten we maar gewoon te lopen. Binnen een paar seconden zijn we helemaal doorweekt en komen een buurtcafé tegen. Hier maken we een tussenstop, het zit vol met lokale bewoners. Een ouwe vent komt een praatje maken en verteld ons over hoe smerig Hongaars bier is. Gijs vraagt hem of er ergens een restaurantje is waar we typisch Hongaars kunnen eten. Nou dat weet hij wel en we pakken de kaart erbij. Hij vergist zich een keer of honderd en voor we het weten staat onze hele kaart vol krabbels en weten we nog niet waar het restaurantje is. 

 

Ik heb het Gijs heel moeilijk gemaakt om ons terug te brengen naar het hostel, maar uiteindelijk is het ons gelukt. Wel doorweekt, dat wel. 

0 Berichten

Lavender

Dit was de laatste nacht in Backpack Guesthouse. Gelukkig blijven we nog wel even in Budapest, maar we hebben de volgende nachten in een ander hostel geboekt, dat een stuk goedkoper is. 

 

Ongelooflijk maar waar, we besluiten weer te gaan lopen met onze rugtassen. Lavender Circus ligt aan de andere kant van de Donau, wat best een stuk lopen is. Toch kost het deze keer helemaal geen moeite. 

 

We vinden het hostel gewoon in één keer! Ik ben trots op ons. Wanneer we aanbellen wordt er niet open gedaan en ik begin me zorgen te maken. We proberen het nog een paar keer, maar willen eigenlijk weg gaan en later terug  komen. Plots gaat de deur open. 

 

We komen in een lange hal terecht, met aan de rechterkant een binnentuintje. Aan het einde ligt een lange trap. We moeten drie hoog (ik haat trappen). Op de tweede verdieping worden we begroet door Andrea, een kleine Italiaanse man en één van de managers van het hostel. 

 

Lavender Circus heeft een hele goede sfeer, we worden er gelijk blij van. De muurschilderingen, de duizenden briefjes met bedankjes en de eettafel en stoelen die aan de muur zijn gemaakt, fantastisch. Bij de receptie hangt het vol met buitenlands geld. 

 

Bij onze kamer hangt een oude jute PTT postzak. We hebben een verhoogd bed, zodat er ook een ruimte is om te zitten. Ik wordt echt blij van dit hostel. We krijgen een korte rondleiding van Andrea. Tegenover onze kamer is een badkamer, waar zelfs een bad in zit. Ook hier zijn weer schilderingen te vinden, al zijn deze nog niet helemaal af. Bij het toilet hebben ze er voor gezorgd dat je geen inkijk hebt, door een aquarium in het raam te bouwen. Als je op het toilet gaat zitten, hoor je de muziek die ook in de gemeenschappelijke ruimte gedraaid wordt, echt heel leuk bedacht!

 

Andrea pakte een kaart en liet ons rustig allerlei plekken zien. Niet zoals bij andere hostels, snel een aantal krullen en achteraf weet je niet meer wat er gezegd is, nee, hier zitten we een half uur terwijl hij alles vertelt over de stad en de bezienswaardigheden. 

 

Castro Bistro

De rest van de dag hebben we het rustig aan gedaan. Struinen door de straten vol toeristenwinkeltjes en we hebben wat souvenirs ingeslagen. Wanneer we een drankje doen op een terrasje komt er een (eng) vrouwtje naar ons toe. Ze vraagt geld, maar we hebben niet veel meer in onze portemonnee dus we weigeren. Ze loopt zo krom dat ze bijna een hoek van 45 graden vormt en waggelt op haar klompvoeten weg. Ze kijkt nog één keer om en ik krijg er gewoon kippenvel van, ze geeft ons duidelijk het boze oog, bah. 

 

Die avond gaan we eten bij Castro Bistro, een vegetarisch restaurantje dat door Andrea is aangeraden. De uiensoep hier is echt geniaal! Na het eten gaan we eindelijk bij de kerts kijken. In de oude Joodse Ghetto, dat door de tweede wereldoorlog vrijwel leeg is komen te staan, kun je een hoop van deze pop up cafétjes vinden. De meeste zitten in de lege tuinen (kert is tuin in het Hongaars). 

0 Berichten

Zandkasteel

Vandaag gaan we naar het paleis, aan de Buda kant van Budapest. Vanaf de heuvel heb je weer een mooi uitzicht over de stad. Het paleis zelf vind ik niet heel erg boeiend om eerlijk te zijn. Er staat wel een gaaf beeld op een binnenplaats van een jachttafereeltje, maar verder ben ik er snel door heen gerend. 

 

Onderweg naar het Vissersbastion, even verderop, besluiten we bij een restaurantje te gaan zitten. De ober reageert heel vreemd als ik alleen een bijgerecht kies, hij vraagt wel drie keer of ik nog iets wil. Nee eikel anders bestel ik dat toch... Wat een snobs werken hier zeg bah! Als we het geld in het boekje voor de rekening hebben gestopt, besluiten we keihard weg te rennen, alsof we niet betaalt hebben. Ik hoop dat ze er in getrapt zijn! Wat een lolbroeken zijn we toch...

We komen bij de Matthiaskerk, met een prachtig gekleurd dak. Voor de kerk komen we een kunstenaar tegen, die komische spotprentjes aan het tekenen is waar je bij staat. Enorm enthousiast laat hij ons al zijn werken zien en lacht zichzelf rot om zijn eigen grappen. We slaan er een paar in voor het thuisfront. 

 

Het vissersbastion is net een zandkasteel, heel gaaf. Een deel is afgezet en dient als restaurant. Daar moet je betalen om de torentjes op te mogen, maar verderop mag je wel gewoon gratis naar binnen. Een beetje nutteloos dus. 

Aan de andere kant van de heuvel gaan we naar beneden. Hier ligt de hospitaal grot, waar ik wel een kijkje wil nemen. Echter is de eerstvolgende toer pas over anderhalf uur en is het ook best prijzig. We gaan hier nog wel even over nadenken. We lopen een willekeurige kant op en komen een andere grot tegen, de labyrint grot. Hier gaan we wel naar binnen. 

 

We lopen een eind en komen bij een kassa, dit is een stuk betaalbaarder dan de hospitaal grot. In de grot is een soort gallerij met een hoop stenen zuilen die uit de Turkse periode stammen. Het is leuk om te zien, maar het zijn er wel heel erg veel. Gijs heeft ondertussen al iets nieuws bedacht. Me om elke hoek laten schrikken, niet grappig. 

 

Aan het einde van de grotten komen we in een soort cel terecht. Er staat dat Vlad de Spietser (Dracula) hier gevangen heeft gezeten. Later heb ik dit uitgezocht en hij heeft hier volgens de verhalen inderdaad in de 15e eeuw, als gevangene van koning Matthias opgesloten gezeten. Ik ben benieuwd hoeveel kakkerlakken hij hier gespietst heeft. Wel leuk om daar zo tegen aan te lopen.

 

De grot is 1000 meter lang en wordt al duizenden jaren gebruikt. Er zijn werktuigen gevonden van de homo erectus, één van onze voorouders. Tijdens oorlogen werd het een schuilkelder en in betere tijden een opslagruimte. 

Die ochtend heeft Andrea ons uitgenodigd om in Lavender Circus te gaan eten. Hij zou een typisch Hongaars gerecht maken. Die middag gingen we dan ook vroeg terug om hem te helpen koken. Er zouden nog wat andere gasten uit het hostel blijven eten. Ik heb volgens mij wel een miljoen aardappels geschild. 

 

Andrea gaat paprika krumplí maken. Hij maakt een vlees versie en een vegetarische versie. Langzaam komen de andere gasten binnen druppelen. Een stelletje uit Finland, drie schoolmeisjes uit Frankrijk en twee setjes vervelende, arrogante kwabbels uit Australië. Die sluiten zichzelf helemaal buiten en praten alleen maar over zichzelf. 

 

Er wordt een fles Palinka tevoorschijn getoverd, die Andrea inkoopt op een boerderij. Voor iedereen wordt een glaasje ingeschonken zodat we kunnen proosten, maarrrrr de super sociale Australiërs hebben hun glaasje al weg getikt. Bijzonder.... 

 

Het eten is heerlijk en het is hartstikke gezellig. De Franse meisjes praten wel erg veel, maar het is wel interessant om over hun kostschool en rijke ouders te horen. Hoe verschillend van ons leven... Na het eten kletsen we nog met Andrea en een vriend van hem die langs is gekomen en een tijd in Nederland heeft gewoon. Het was de bedoeling om nog weg te gaan, maar hier komt niets meer van terecht, het is veel te gezellig. 

0 Berichten

Voetjes in de Donau

Onze laatste volle dag in Budapest, helaas. We hebben alles al gezien wat we wilden zien en struinen maar een beetje rond. Bij de supermarkt halen we een biertje en gaan relaxen aan de oever van de Donau, heerlijk!

 

We eten een ontzettend smerige aardappel prut bij een restaurantje, het zit vol zure mayonaise en rauwe ui. Ik wordt er gewoon naar van en heb er de rest van de dag last van gehad. 

 

Later die avond redden we het eindelijk eens tot de kerts. We gaan als eerst naar Szimpla, de meest bekende. En ik begrijp wel waarom, het is echt een toffe tent. De tuin is gezellig en zit vol mensen, één van de zitjes is een open gezaagde auto. In de lucht zit David de Kabouter op een schommel en op de muur wordt een clip afgespeeld. 

 

De volgende kert is wat minder, het is rustig en ik krijg bier met een citroen er in. Dit klinkt lekker verfrissend, maar het is zo smerig dat de vieze aardappelprut weer naar boven komt. Op weg naar huis kots ik een portiek onder (sorry) en ik heb niet eens zo veel gedronken. Toch was het een leuke laatste avond. Ik hou van Budapest en wil hier graag nog eens terug komen. 

0 Berichten

Hysterie

Het is tijd om te vertrekken. We pakken onze tassen en checken uit, maar laten onze tassen nog wel achter bij de receptie. We gaan naar het station om kaartjes te kopen, dan kunnen we die middag rustig aan doen. 

 

Het is erg druk bij de balie voor internationale ritten en we moeten een uur wachten voor we aan de beurt zijn. Ik irriteer me kapot aan een arrogante Belg, die maar aan het zeuren en drammen is en continu vraagt of hij even voor mag. Uhm nee dude... wachten is ook niet onze hobby...

 

Uiteindelijk lopen we weg met een boekwerk aan tickets voor €240. De duurste aankoop tot nu toe. Volgende keer bestellen we mooi weer van te voren, dit slaat nergens op. We hoeven pas om vijf uur de trein te hebben. 

 

We gaan nog even het centrum in, doen wat boodschappen, eten een hapje en kopen een t-shirt als souvenir bij Tisza, een hippe winkel uit het communistische tijdperk. We halen onze tassen op bij Lavender Circus en gaan terug naar het station. 

 

Als eerst pakken we de trein naar München en stappen over op Wenen, waar we anderhalf uur moeten wachten. De volgende trein gaat naar Keulen, maar wij moeten weer overstappen op Frankfurt. Onderweg vallen we in slaap. Rond een uur of vier schrik ik wakker en zie dat we op Frankfurt station zijn. Hysterisch maak ik Gijs wakker en pak mijn tas. Gijs zegt dat we pas op Frankfurt vliegveld uit hoeven stappen. Sjongejonge. 

 

Dan maar even onze benen strekken en koffie halen, blijkbaar hebben we hier een soort pauze. Pas om zes uur rijden we verder naar het vliegveld en moeten daar weer twee uur wachten. Het laatste stuk gaat ineens heel erg snel en voor ik het weet staan we op Amsterdam Centraal. We zitten in het zonnetje en wachten op de trein. 

 

Eenmaal thuis in Stedenwijk gooien we onze tassen neer, nemen even snel een douche en gaan snel naar het ziekenhuis om mijn moeder te bezoeken. 

0 Berichten